[Contact.Links.info.] [Zoek op Site.] [De Slowpaper.]

Home-page

Zoek op Site.

Beetsterzwaag.toen.

Lanterfanten.lezen.

Beetsterzwaag.nu.

De Slowpaper.

Disclaimer

Mei de Sweach op e rêch.
 
Thom Vellinga.
 
1-Gedenksteen.
2-Frits
3-Beets, de herbergen enz.
 
 
________________________!
 
1-GEDENKSTEEN
 
In en in de omgeving van Beetsterzwaag was er in 19e eeuw behoefte aan een christelijke school.
Door de inspanning van verschillende bewoners en belanghebbenden is de totstandkoming tot een goed einde gebracht. De heer Lyclama à Nijeholt stelde een terrein beschikbaar en zo kon de bouw beginnen.
Bij de opening van de school aan de Beetsterweg in 1892 werd een marmeren gedenkplaat onthuld. Deze heeft hier tot de verplaatsing van de school naar Beetsterzwaag gehangen.
Zoals gebruikelijk werden er schoolfoto's gemaakt. Zo veel mogelijk kinderen uit één gezin er op. Dat drukte de kosten. In vroeger tijd kwam fotograaf Dwinger uit Leeuwarden bij de openbare scholen langs, de christelijke scholen maakten gebruik van de deskundigheid van de heer Pottjewijd uit Winschoten.
De laatste fotograaf van christelijke huize maakte op zondag geen foto's. Dit was een rustdag. Hij verloor daarom in de loop van de tijd veel klanten die deze dag vrij waren , aan zijn niet christelijke ambtgenoot.
 
In 1920 werden er in Nijbeets een christelijke - en een hervormde school geopend. Het aantal leerlingen liep daardoor terug.
De school werd nu verplaatst naar de Vlaslaan in Beetsterzwaag. Deze in 1921 geopende school lag ook centraler voor de leerlingen van Beetsterzwaag en Olterterp.
Op 19 september 1975 werd  een  nieuwe school , die noordelijker was gebouwd, in gebruik genomen. Op het plein van de oude school was op 30 augustus  een rommelmarkt gehouden. Aangezien ik nieuwsgierig was, nam ik een kijkje. Wat zag ik tussen alle spullen liggen.
De gedenksteen met als opschrift: Jhr. A. Lyclama à Nijeholt 17 mei 1892.
De historische waarde ontging mij niet. Ook de blik in mijn ogen met meer dan gewone belangstelling, ontging de verkoopster niet.
De prijs f 25,-
Zij blij, ik blij.
De  netto opbrengst  van de rommelmarkt  was fl. 7500,- en bestemd voor een ontwikkelingsproject in Brazilië. Men probeerde een bedrag  van fl. 10.000 bij elkaar te brengen  voor het bruikbaar maken van een oud schooltje (  een schuur) en het aanschaffen van leermiddelen. Uiteindelijk is het fl. 12.500 geworden.
 
Met de steen in de auto en naar huis. Maar ja wat moet je er mee?
De steen , oftewel de achterzijde ervan,  heeft in de loop der jaren zijn dienst bewezen. Voor een handvaardigheidscursus had ik een goede ondergrond nodig. Eén van de opdrachten was solderen. Hiervoor was de marmeren plaat  heel geschikt. Ik weet niet wat de adellijke familie Lycklama hier van gevonden zou hebben. Verder heeft het nog jaren  geduurd, voordat  de nieuwe bestemming in zicht kwam.
 
School heeft gestaan aan Beetsterweg 14.
Schoolhuis is later voorhuis van een boerderij geworden.
Ten oosten van de woning is nog het stookhok/
toiletten  te zien.
 
Toen in 1992 de christelijke school 100 jaar had bestaan, werd er een reünie georganiseerd.
De heer J.H. Duursma had op zich genomen met anderen een boek samen te stellen. Toen ik hem wees op de marmeren plaat, leek het hem waardevol om deze weer terug te laten keren op school.  Het leverde mij f 50,- op. Zo heeft de herdenkingssteen na jaren weer een mooi plaatsje gekregen in  de christelijke school . 
 
Schoolfoto via A.Sybenga,  gedenksteenfoto via L. Hiemstra, rommelmarkt eigen foto  ( Thom Vellinga , Noordwijk)
 
Gedenksteen
 
School Beetsterweg
 
School Vlaslaan
 
 
2-Frits        
 
Tegenover Hotel "Lauswolt" in Beetsterzwaag ligt een sfeervolle woning met de naam "Bethlehem".
Hij  lijkt vrij oud, maar is in 1970 in de plaats gekomen van een afgebroken boerderij met dezelfde naam.
Jarenlang heeft de familie Brouwer hier gewoond.
Jan Brouwer was als bosopzichter in dienst van baron Reinhard van Harinxma thoe Slooten  van Lauswolt en na diens overlijden van zijn  dochter baronesse Janke Bieruma Oosting.
Brouwer heeft  o.a. het hout van de belvedère aangeleverd, die gebouwd werd achter hotel "De Horst"in 1930.
 
"Frits" was een paard van de familie Brouwer.
Het dier werd wel uitgeleend aan Pieter de Boer, die in het armhuis woonde.
Deze woning had tot 1928 dienst gedaan als armhuis, dat werd opgeheven omdat er te weinig animo voor was.
De Boer gebruikte het paard als trekkracht voor de lijkkoets.
In 1938 had Pieter de Boer een andere, belangrijke taak. Hij moest , gezeten op Frits, het volk kond doen van de geboorte van prinses Beatrix. Dit deed hij samen met de conciërge van het gemeentehuis , de heer Tjeerd Blauw. Beide mannen waren gekleed als herauten.
 
Achter de boerderij van de familie Brouwer  lag een stuk grond.
Dit werd en wordt doorsneden door het Kerkenpad. Dit is de verbinding van de kerken van Beetsterzwaag en Olterterp en ook Oud Beets (exit) voordat de A7( Rijksweg 43) er was.
Om als wandelaar over te steken moest gebruik worden gemaakt  aan de ene kant van een plank over een sloot en de andere zijde van  een klaphek.
Als er even geen werk voor het paard was, liep het in de wei achter de boerderij.
De oppervlakte was groot genoeg, maar "Frits"hield er van om de wereld te verkennen.
Het klaphek had zijn interesse. Het kwam wel voor dat als de wandelaars overstaken, het hek niet goed dicht werd gemaakt.
Dan was het paard  er als de kippen bij om eerst met het hoofd een opening te maken. Vervolgens was het gat groot genoeg voor zijn lijf.
Hij kon er nu helemaal door. Daarna kon zijn  "ommetje "beginnen.
"Frits" liep dan over een pad door het zgn.  "Kostverlorenbos" tot hij bij de doorgaande weg kwam. Als hij daar was, sloeg hij rechts af richting Lauswolt. Het was niet geheel ongevaarlijk, want naast de weg liep een tramspoor.
"Frits" draafde huiswaarts. En als hij vanuit de boerderij gezien was, werd hij weer begeleid naar zijn oude stek.
Hierna kon het spel opnieuw beginnen.
 
Achterzijde "Bethlehem"tijdens
de afbraak in 1969( Foto Sijbinga)
 
 
3-Beets, de herbergen enz.
De herbergen naast de Beetstervaart en de Huiskervaart
 
Aangezien de heer Oene  Dijkstra in 1986 niet over de huidige digitale mogelijkheden beschikte en in 2015 nog niet alle gegevens over de herbergen boven water waren gekomen, probeer ik hier een aanvulling te geven.
 
Beetstervaart
Aan het eind van de Beetstervaart stond aan de oostkant een boerderij. Hierbij was een opslagplaats voor te verkopen partijen hout:  zoals planken, latten, kaphout, bomen.
Huurder van de boerderij was  Gerrit Sjoerds van der Heide die huur en gebruik van wal - en opslaggelden van de Beetstervaart volgens tarief had.
Hij verliet de boerderij in 1878 na boelgoed gehouden te hebben. Hier gingen behalve koeien, paarden , schapen , meubels ook van de hand: toonbank, 3 drankvaten, bussen, trommels en een meelbak.
Zijn opvolger werd Eit Heinzes Gaastra , die in mei 1884 vertrok. Daarna werd  de boerderij afgebroken.
De Beetstervaart anno 1978. Aan de rechterzijde heeft de boerderij gestaan.
 
Havenzicht
Tegenover de Beetstervaart stond een twee- onder- één- kap woning. Deze werd tot 1773 door twee gezinnen bewoond. Hierna kwam schipper/ koopman  Roel Jans uit Beetsterzwaag,  die de schoorsteen van de oostelijk woning dicht liet maken en hier een winkel annex herberg in begon. Het westelijke huis werd zijn woning. De reden waarom de ene schoorsteen dicht werd gemaakt werd , dat er schoorsteengeld  ( (belasting)op werd geheven. Roel Jans had een goede plek uitgezocht om zijn winkelwaren aan de man te brengen, bij een doorgaande weg en een haven.
Hij kreeg hierna nog drie opvolgers. Hendrik Husselmans die uit Muhlheim aan de Rijn kwam, Ridsert Sybrens die boer was geweest te Olterterp en in Beetsterzwaag en Johann Georg Mogk ( Mook) van Weege, vorstendom Waldek. Hij was , zo gaat het verhaal, naar Nederland gekomen met een circus en wilde niet mee terug. Het was een echte paardenman. Het gezin is naar Beetsterzwaag verhuisd. Hier is ook een winkel gestart. Verder was Johann in dienst als koetsier bij de familie van Lynden.
Daarna komen rond 1826  Wolter Klaas Haveman , wagenmakersknecht bij zijn schoonvader in Beetsterzwaag, en zijn vrouw Ike Hedmans Bijlsma naar Beets.
Er vinden aanbestedingen, boeren boelgoeden, verhuringen, zoals voor het tolhuis dat te Beets heeft gestaan, schutjaspartijen om een vet varken plaats. Het was ook een pleisterplaats voor  boeren, die in Beets hooi kwamen halen.
Als Wolter overlijdt, neemt zijn weduwe de zaak over met  haar zoon Sake, die haar na haar overlijden opvolgt.
 
Het gebouw heeft in de loop der tijd de nodige verbouwingen, vergrotingen ondergaan.
Op deze kadasterkaart uit 1878 is een aanbouw en een verkleining van de schuur te zien.
Sake heeft in 1903 de hele winkelopstal en winkelgoederen verkocht.
Het aanbod bestond  uit: een toonbank met koffiemolen, gort- en meelbak, best eiken olievat ( beslagen), koperen schalen, evenaars , gewichten, bascule, schuifslêe, grote koffiebus, dito kist met beslag, ton, beste partij maten, potten, pannen, theegoed, vazen, 30 stoelen, tafels, kinderwagens ( Eng. model), nieuwe kasten, kinderstoelen, rekken. Nog enige lange nieuwe grenen posten (8 ½ v zwaar) nieuwe koperen theestoven, lantaarns, nikkel theebladen, wekkers, enz. enz. 60 zakken, glazenwagen op riemen en chais met losse kap en nieuwe lantaarns.
Voorts: koeltrog, koekmolen, draagberrie, kalvehokje, vat, koperen goteling, 2 kolomkachels, ijzeren ketels enz. enz.
 
Als Sake  sterft, houdt zijn weduwe  het bedrijf nog aan tot 17 november 1909 en dan gaan een volledige kasteleinsinventaris , meubelen, huisraad en landbouwgereedschappen van de hand.
 
Hendrik Hofstra de volgende bewoner oefent hier het boerenberoep uit.
Zijn vrouw  Johanna Cesilia  Glastra vroedvrouw uit Beetsterzwaag volgt haar moeder Maria Glastra- v.d. Velde uit Beetsterzwaag op in dit beroep.
In 1924 brandt de koemelkershuizinge van de Cornelia Stichting in gebruik door H. Hofstra af.
Architect Hendrikus Wiersma krijgt de opdracht een ontwerp te maken voor een nieuwe boerderij.
Hendrik heeft van  1925  tot 1934 zitting genomen voor de C.H.U. in  de Opsterlandse gemeenteraad.
In 1930 wordt het 25- jarig jubileum gevierd als verloskundige. Als er drie jaar later een verloskundige wordt gevraagd in Gorredijk , vraagt mevr. Hofstra overplaatsing aan.
 
Hierna komt de familie Kuperus op deze plek. Er wordt begonnen met een hengstenstation.
Huidige bewoners zijn  Siebe Kuperus met zijn dochter.
 
De Huiskervaart of Huisjes vaart
In een boerderij annex herberg aan de zuidzijde van de Beetsterweg woonde bij de Huiskervaart, Remmelt Tiebes, opgevolgd door zijn zoon Ruerd Remmelts.
In 1769 komt hier Douwe Eedsges Tolman met zijn vrouw. Twee zoons van hem hebben elk een potschip dat in de Huisjesvaart komt te liggen.
In 1811 overlijden Douwe Eesges en zijn vrouw Jitske Jans.
De plaats van dit echtpaar wordt ingenomen door zoon Eesge Douwes Tolman en zijn Fokje Hendriks Oosterwoud.
In deze boerderij vinden ook verkopingen plaats. In 1819 is dat een uitmuntende zathe op Sorra Morra onder Oldeboorn.
In 1826 overlijdt Eesge en twee jaar later trouwt Fokje met Willem Jans Koekoek. We vinden dit echtpaar in een boerderij die gestaan heeft aan het Kerkepad tegen de Geaweg of Boornbergumerweg achter Lyndensteyn. Dit is de plek waar van 1950 tot 1967 het openluchttheater heeft gelegen. Door de uitbreiding van Lyndensteyn is het theater opgeheven.
Adam van Seyen en Yttje Wiebes Sytzema worden de nieuwe bewoners. In 1833 neemt van Seyen  5 percelen voor  het maken van een nieuwe hooiweg  voor de aanneemsom van f 247,-  Dit is een nieuwe weg in de hooilanden onder Beets vanaf de regte Sweinsweg voorbij de zgn. Moordsloot ter lengte van ongeveer een duizend vijhonderd en vijftig Nerlandsche ellen. Breedte van ongeveer 7 Nederlandsche ellen uit de voet der dijk zoodanig afgelijnd.
In 1838 wordt "De Pastoriefenne"voor 4 jaar gehuurd voor f 57,- per jaar. In 1839  sterft Adam Sytzes van Seyen, 49 jr. tapper te Beets.
Weduwe van Seyen is nu koemelkersche. In de boerderij worden grasverkopingen gehouden. In 1858 ligt het bestek van het afbreken van de spits van de bovenste verdieping, het metselwerk van de kerktoren van Beets, ter lezing bij wed. van Seyen.
Twee jaar later kan men inschrijven op het maken van een Nieuwe Spits op de gedeeltelijk afgebroken kerktoren.
 
In  augustus 1866 is de aanleg van de straatweg van Beetsterzwaag naar Oldeboorn voltooid. De boerderij heeft hierbij een verandering ondergaan. De schuur die aan de  oostelijke kant achter het voorhuis stond is afgebroken en nieuw in zuidelijke richting herbouwd.
Ytje Wiebes Sytzema is overleden in 1871 . Bij het boelgoed worden verkocht : boerenreeuw en beslag, als: 4 melke- en kalve koeijen, 2 beste hokkelingen, 4 beste kalvers, 1 paard, 2 boerenwagens karn met koperen hoep, koperen emmers, dito handketel en verder boerengereedschap . Voorts ongeveer 35.000pond best gewonnen hooi, waaronder 10.000 pond uitmuntend landhooi - een partijtje rogge in het stroo,- eenige meubelen en huisgeraden.
Daarna wordt de zaak te huur aangeboden. In de Drachtster Courant stond in januari  1872  de volgende advertentie:
 
Tot die tijd woont  schoonzoon Jan Alles Wedman met het gezin hier. Op 12 mei 1872 vestigt zich hier van Oldeboorn de laatste boer Jelle Ruurd Koopmans, die in september 1877 weer vertrekt naar die plaats.
 
 
Dit is het einde van de herberg: "Het Beetster Huisje". Maar er komt wel een nieuwe boerderij aan de overkant van de straat. Hier staat nu "Rijnhard Zathe". De voorganger is in 1877 gebouwd en later afgebroken omdat deze bouwkundig niet goed in elkaar stak.
Kadasterkaart 1878 met de nieuwe boerderij boven en het afgebroken  "Beetster Huisje"onder.
 
Bronnen: Speciekohieren ,nummering woonhuizen, Burgerlijke Stand,gezinskaarten, Delpher, artikelen en advertenties uit: Leeuwarder Courant, Drachtster Courant, Kadastrale kaarten, Kadaster met hulp van de hr. Y. Zuiderveld. Foto Beetstervaart: eigen foto.
 
 
Thom Vellinga.