[Contact.Links.info.] [Zoek op Site.] [De Slowpaper.]

Lanterfanten

Zoek op Site.

BEETSTERZWAAGTOEN

Lanterfanten.lezen.

Beetsterzwaag.nu.

De Slowpaper.

Disclaimer

 
 
 
 
Waarom Lanterfanten.
Index.
1-Lanterfanten tot kunst.(Tom Hodgkinson )
2-Lanterfanten als levensbelang.(NRC )
3-Het nut van Niksen.(Lucienne van Ek)
4-De kunst van het Lanterfanten.Veerle Vanden Bosch.
5-Lang leve de lanterfant.Matt Dings.
6-Lanterfanten.Atty van de Brake.
7-Wie niets doet, leeft beter.Gezond.nu.
8-Lanterfanten voor proffesionals.
9-The art of lanterfanting.
10-Het is de hoogste tijd om niks te doen.
11-Zeven redenen om te lanterfanten.(Reinier Sonneveld)
12-"Wandelen is de grootste probleemoplosser die er bestaat"
13-Het belang van lummelen.Gijs van de Sanden.
14-Niksen, het nieuwe mindfulness. Gebke Verhoeven.
15-Lanterfanteren. Martin Van Elmpt
16-Tijdverspilling is tijdwinst, lanterfanten loont.  Intermediair
17-Waarom niks doen het allergrootste economische taboe is.
18-Vijf voordelen van verveling.
19-De megasekte van de hardwerkenden.
20-Flierefluiten - Tao in de polder.
21-Niets doen is helend.
22-In IJsland wordt welzijn en minder werken de norm.
23-Waarom elke manager zijn personeel een middagdutje moet laten doen.
24-Hoe lekker lanterfanteren productief kan zijn.
25-Liefdevol Lanterfanten.
26-Goede redenen om het rustiger aan te doen.
27-Lanterfanten en loslaten.
28-Waarom altijd luieren ongezond is voor ons.
29-34 minuten brengen we lanterfantend door in de baas z'n tijd.
30-Waarom niksdoen zo belangrijk is.
31-Lanterfanten.Jeanne van Asseldonk.
32-Dagdroom eens over wilde plannen en ideeën.Anne Raaymakers
33-Omarm je luiheid en kom weer in balans.Rosanne
34-De kracht van lanterfanten.Louis
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
1-Tom Hodgkinson (The Idler) verheft lanterfanten tot kunst.
 
 
humo-archief Dinsdag 16 april 2013 -
De über-Brit Tom Hodgkinson is stichter en uitgever van The Idler en voorzitter van The Idler Academy, bastions die werk bestempelen als 'een sociale dwangneurose van het ergste soort', en het stijlvol en highbrow lanterfanten willen propageren. Is niksen een kunst? Is traag echt beter? Moeten we terug naar... Ja, naar wat?
 
'Wie geboren wordt als Engelsman, heeft het hoofdlot in de loterij des levens gewonnen.' Ik ben vergeten wie dat zei, maar het was alvast geen Duitser. Nu grenst anglofilie vaak aan chauvinisme en nationalisme, en Britten rulen al lang niet meer de waves, maar op één vlak blinken ze nog steeds uit: excentriciteit. De Britse excentriek is een merk, een huis van vertrouwen, een rolmodel, een vleesgeworden mythe. Britse excentrieken heb je in soorten: er zijn chaps, toffs, gents en idlers.
'Idlers zijn tegen prestatieseks, zoveel staat vast'
'Idler' wordt in ons woordenboek genadeloos want pejoratief vertaald als 'leegloper', maar dat is een kortzichtige, fantasieloze definitie. Een echte idler is allesbehalve een luie nietsnut die zich lanterfantend en rondlummelend richting graf beweegt. De idler onttrekt zich zwierig aan de zwaartekracht van alledag en is een zielsverwant van de bon vivant, de flaneur, de dandy, de estheet en de filosoof. En in het Oudgrieks betekent 'school' vrije tijd - de vrije tijd die je verkiest te investeren in spelenderwijs bijleren over onze wonderlijke wereld, zo weet ook Tom Hodgkinson.
HUMO Onlangs gaf je een voordracht op het Feest van de Filosofie in Leuven. Zijn filosofen de ideale idlers?
Tom Hodgkinson "Wat is aangenamer en productiever: een contemplatief leven of een actief en utilitaristisch leven? Da's een oeroude discussie. Is denken, voelen en genieten meer waard dan handelen, werken en doen? Is vakantie nemen om uit te puffen van je werk en om je batterijen op te laden voor het werk echt de juiste aanpak? Filosofen hebben met idlers in elk geval gemeen dat het vaak lijkt alsof ze niksen. Filosofen hebben een grote behoefte aan thinking time, en ze krijgen die nog betaald ook! Een schijnbaar pragmatische dictator denkt vaak: 'De filosofie schaffen we af, die lui zijn niet productief.' In onze westerse, kapitalistische maatschappij ligt te veel nadruk op arbeid die meteen zichtbare vruchten afwerpt."
HUMO Gelooft de idler in laisser aller? Je citeerde de tao: 'Doe niets, grijp zo weinig mogelijk in, de dingen zullen vanzelf gebeuren.' Als iedereen die levensraad had gevolgd, dan waren de Eurostar waarin je naar België reisde, de microfoon waardoor je net sprak en wellicht zelfs de stoel waarop je nu zit nooit uitgevonden.
Hodgkinson (grinnikt) "Mijn vrienden maken er een sport van om mij op inconsequente handelingen te wijzen. Ooit rukte een vriend me een iPad uit handen met de melding: 'Jij vond het toch niet belangrijk dat die werd uitgevonden? En je twittert! Daar was je toch tégen?!' Een vriend van me, Oliver James, schrijft boeken waarin hij de consumptiemaatschappij hekelt, en hem roepen ze op straat vaak na: 'Hé, heb je nu alweer nieuwe schoenen?!' Of: 'Jij, in een auto?!' Maar Dr. Samuel Johnson zei al in de achttiende eeuw: 'Het is niet omdat ik zelf de morele kracht mis om mijn idealen in de praktijk te brengen, dat er iets mis is met die idealen.'...
 
 
 
2-Lanterfanten  is van levensbelang.(nrc)
 
Hebben dieren, net als mensen, vrije tijd? Paarden dollen na een werkdag en katten dutten tussen jachtpartijen, net als roofvogels. Zo houden ze het langer vol.
Ooit gaf ik een feestje in een ruimte op de eerste verdieping van de Amsterdamse Vondelmanege. Aan het oog onttrokken door gordijnen bevinden zich daar enkele balkons die uitzicht bieden op de manegebak. Op zeker moment, om een uur of half elf 's avonds, liep ik naar een van deze balkons en keek naar beneden. In de zwakgeel verlichte manege draafden ruiterloze paarden rond. Enkele van hen rolden in het zand, sprongen even later uitgelaten op tegen een speelkameraad om er vervolgens weer vandoor te gaan. Je kreeg de indruk dat ze het erg naar hun zin hadden, alsof ze een soort paardenspeelkwartier vierden. Maar kunnen dieren vrij hebben?
Bijna alle organismen op aarde beschikken over een interne klok die een circadiaan ritme dicteert, ook mensen. Perioden van nuttige activiteiten en slapen wisselen elkaar regelmatig af , maar er blijft een restperiode over. Die wordt wel 'vrije tijd' genoemd. Je zou denken dat dit begrip strikt aan mensen gebonden is, voortkomend uit de relatief nieuwe wereld van geregelde werktijden en cao-onderhandelingen. Zijn de vastgestelde werkuren voorbij, dan heet een werknemer vrij te hebben. Vrije tijd die wordt gereserveerd om loonslaven of zelfs onbetaalde slaven, de kans te geven lichamelijk te herstellen. Het is de vraag of er bij dieren zoiets als vrije tijd bestaat.
Tot op zekere hoogte zijn manegepaarden loonslaven met hun vaste werk-, eet-, en slaaptijden. Na een lange werkdag van verplicht rondjes lopen en achtjes draaien, mogen ze een korte periode doen waar ze zelf zin in hebben: stoeien, rollen en rennen. Na enige tijd worden ze naar hun box gebracht om daar de nacht door te brengen. De paarden krijgen dus van hun mensenbazen even vrij. Je zou het 'vrije tijd' kunnen noemen, maar hier gaat het natuurlijk om gedomesticeerde dieren en niet om wilde paarden. Over het bestaan van vrije tijd bij wilde dieren zegt dit voorbeeld weinig.
Pas nog vertelde een vriend me zuchtend dat hij de afgelopen jaren 'als een beest' gewerkt had. Welk beest werd daar eigenlijk mee bedoeld? Vast geen Zuid-Amerikaanse luiaard, want die nemen er hun gemak van. Als ze al bewegen, doen ze dat uiterst traag. De boombladeren die hun dieet vormen leveren bar weinig energie. Vandaar dat luiaarden het grootste deel van het etmaal roerloos aan een boomtak hangen. Ook slaat de uitdrukking vast niet op katachtigen, want die liggen een groot deel van de dag te soezen of te slapen. Een cheeta op de Oost-Afrikaanse savanne is per etmaal maar een korte periode actief. Hij gaat dan met extreem hoge snelheid achter een gazelle aan, en ligt als de jacht succesvol is geweest het grootste deel van de dag te luieren in de schaduw. Niet zelden kiest hij daarvoor een heuveltje in het vlakke terrein, van waaruit hij de savanne goed kan overzien.
 
Veel dieren die voldoende te eten hebben en zich veilig voelen, ontspannen door te spelen. Het blazen van ringvormige luchtbellen wat dolfijnen wel doen, maakt de indruk van een aangename vrijetijdsbesteding, net als het snowboarden van Russische kraaien of het schommelen van Amerikaanse kraaien aan een liaan. Je krijgt niet de indruk dat die kraaien zichzelf op dat moment bovenmatig afmatten. In biologische zin nuttig bezig zijn en plezier maken, zijn vaak goed te combineren. Mensen die gaan wielrennen of skiën vermaken zich ook, maar oefenen tegelijkertijd allerlei nuttige vaardigheden en blijven in een moeite door in goede conditie.
Opvallend is wel dat uiteenlopende diersoorten de 'vrije tijd' zo verschillend besteden. Hoe anders dan pijlsnelle gierzwaluwen die ogenschijnlijk voor hun plezier acrobatische toeren uithalen zijn bijvoorbeeld houtduiven. Houtduiven doen vaak niets, maar doen dat wel op hoog niveau. Ze blijven soms urenlang in elkaar gedoken roerloos op een boomtak zitten. Bevederde leegte, totaal Zen.
In zijn essay The Fallacy of Misplaced Concreteness beschreef Rudy Kousbroek het menselijk brein als een orgaan dat voortdurend bezig moet worden gehouden, als een compulsieve werker bij een firma. Kon je het maar stopzetten, zodat niet ongevraagd allerlei vaak nare jeugdherinneringen terugkwamen. Helaas is dat onmogelijk. Kousbroek merkte op dat het brein hierin verschilt van bijna alle andere principes in de natuur: 'Die willen juist zo weinig mogelijk bezig zijn, en al hun activiteit is te zien als een streven naar het terugvinden van de rusttoestand.'
Het is evident dat veel dieren periodiek hard werken, maar wat wordt er veel tijd verprutst. Hoe kan dat? Kunnen dieren zich dat ongestraft permitteren? Zouden exemplaren met de genetische aanleg om zich harder in te spannen dan de lummelaars zich niet makkelijk kunnen uitbreiden in de populatie ten koste van hun luie soortgenoten? Je zou verwachten dat evolutionair biologen van de observatie van al die ogenschijnlijk improductieve tijd in verwarring zouden raken. Is het wel waar dat dieren er alles aan doen om hun genen zo efficiënt mogelijk te verbreiden?
Een van de eersten die zich dit afvroegen was Edward Wilson, emeritus op Harvard, in zijn monumentale werk Sociobiology uit 1975. Later werd er door de Groningse chronobioloog Serge Daan en zijn promovendi meer dan tien jaar gewerkt aan de experimentele toetsing van dat raadsel.
Als een vriend vertelt dat hij de afgelopen jaren 'als een beest' gewerkt heeft, welk beest bedoelt hij dan?
In de Lauwersmeer werden bijna alle torenvalken geringd. Ze broeden er in het voorjaar en de zomer in tientallen nestkasten die door de biologen zijn opgehangen. Biddend jagen is tijdens het broedseizoen de voornaamste jachttechniek, maar het kost veel energie om in de lucht te blijven hangen. De valken doen het alleen als er wat wind staat (maar ook weer niet te veel) waar ze recht tegenin vliegen. Daarbij zorgen ze dat ze hun kop zoveel mogelijk op één plek in de lucht houden, zodat ze voortdurend scherp zicht hebben op het terrein onder zich.
Gemiddeld besteden de torenvalken maar vier uur per dag aan biddend jagen. Je zou denken dat de mannetjes, die de meeste prooien vangen in de tijd dat de vrouwtjes voornamelijk op de eieren zitten, best wat harder zouden kunnen werken. Waarom werken ze niet als het brein van Kousbroek? Als een vlijtig torenvalkmannetje dat zou doen, bracht hij misschien wel twee keer zoveel jongen groot als zijn lanterfantende soortgenoot. Binnen de kortste keren zouden alle torenvalkmannetjes harde werkers zijn, want de neiging om langer te jagen zal eerder genetisch bepaald zijn dan het resultaat van een arbeidsethos dat er, zoals bij mensen, van jongs af aan wordt ingepompt. Als mijn vader over een dierbare opschepte tegenover anderen, zei hij vaak: 'Hij (of zij) werkt zich helemaal dood.' Voor hem was dat het hoogste ideaal.
De gemiddelde legselgrootte in de Lauwersmeer is vier eieren. De torenvalken accepteerden het als er eieren aan het legsel werden toegevoegd. Lagen er zes eieren in het nest, dan kwamen daar meestal ook zes kuikens uit en gingen de mannetjes inderdaad harder werken om te voorkomen dat die ondervoed raakten. Ze besteedden aanzienlijk meer tijd aan biddend jagen en hadden dus aanmerkelijk minder vrije tijd. Maar door geringde vogels niet slechts een seizoen, maar ook de jaren erna te volgen, kon worden aangetoond dat torenvalkouders niet ongestraft harder kunnen gaan werken dan ze normaal gesproken doen. Zodra ze meer tijd moeten besteden aan het biddend jagen, stijgt de kans aanzienlijk dat ze de winter erop zullen sterven. Zouden ze het rustiger aan hebben gedaan, dan hadden ze nog een, of zelfs meerdere, broedseizoenen jongen kunnen grootbrengen. Maximale inspanning leveren is dus niet zaligmakend, of anders gezegd; lummelen is op de lange termijn van levensbelang. Dankzij het prachtige werk van de groep van Daan kunnen darwinisten weer rustig slapen, terwijl elke luiaard zichzelf kan voorhouden dat zijn tijd nog komt. Die van de uitslovers is haast voorbij.
Er is die treffende foto van de Japanse koikarper Augustus in de tuinvijver die door de wijsvinger van Rudy Kousbroek over zijn kop wordt geaaid. Hoewel vissen niet direct bekend staan als aaibare dieren, kreeg Kousbroek toch de indruk dat Augustus het aangenaam vond over zijn kop gekrauwd te worden en er mogelijk zelfs door ontspande.
Pas nog stond er een artikel in Nature over een onderzoek aan muizen. Die blijken aaineuronen te bezitten. Vermoedelijk verklaren die waardoor muizen en andere harige dieren als katten en honden het zo aangenaam vinden te worden geaaid of aangeraakt. De aaibaarheidsfactor van Kousbroek blijkt dus een anatomische pendant te hebben. Je zou willen weten of Augustus ook van dergelijke aaibaarheidsneuronen bezat, of dat Kousbroek in het aaien zo bedreven was dat zelfs een vis daartegen geen weerstand had.
Als torenvalken meer tijd moeten besteden aan het biddend jagen, stijgt de kans dat ze eerder sterven
Dat vissen soms ontspannen, had ik me nooit gerealiseerd totdat ik hun gedrag langdurig begon te observeren. Van driedoornige stekelbaarsmannetjes die een nest bouwen en het broedsel verzorgen, is bekend dat ze in het voorjaar extreem hard werken. Toch meen ik ook te hebben gezien dat ze zich, net als de vrouwtjes, regelmatig ontspanden. Als beginnend student in de gedragsbiologie zag ik in een heldere sloot bij Ransdorp dat stekelbaarzen zich af en toe op een gekromde flank keerden en zo een tijdje in het water zweefden. 'Hè hè, even niks', zo zag het er uit. Een van de Leidse geleerden van de ethologieafdeling vermoedde dat ze een zwemblaasprobleem hadden, maar ik had de stellige indruk dat ze ontspanden door in bad te gaan, met een van beide borstvinnen slap hangend over de badrand. Lekker op hun rug of buik liggen, zoals mensen of platvissen, kunnen stekelbaarzen nu eenmaal niet.
Achteraf verbaast het me hoe onbevangen de eerste reactie op dat idee was van de toenmalige hoogleraar Piet Sevenster. Hij moest weliswaar toegeven in het laboratorium nooit stekelbaarzen in bad te hebben zien gaan, en wist zeker dat het in de omvangrijke stekelbaarsliteratuur nooit was beschreven, maar hij sloot op voorhand niet uit dat zoiets in de natuur voor zou komen. Hoeveel stekelbaarzen had ik precies in bad zien gaan? Toen ik vertelde dat dat er tientallen of misschien wel honderden waren geweest, zei hij glimlachend: "Het is mooi dat u het zo ziet. Misschien kunt er u eens een gedicht over schrijven, maar ik geloof dat wij beter bij een operationele vraagstelling kunnen blijven."
Een vis ontspant periodiek, een cheeta luiert eindeloos en een torenvalk is een groot deel van het etmaal ogenschijnlijk improductief. Langdurig kun je hem zien uitbuiken op een paaltje. Af en toe sluit hij zijn ogen, soest even weg, en begint dan ijverig zijn veren te poetsen. Dan zit hij weer stil en tuurt over een weiland, inzoomend met een goed gevoel voor de aanwezigheid van prooien. Soezen, veren poetsen, turen. Verlummelt hij zijn tijd strategisch zodat zijn levensverwachting niet daalt? Misschien is dat maar een deel van het verhaal. Er zijn urgente activiteiten, zoals het jagen, en er zijn minder urgente, zoals dit haast contemplatieve paalzitten. Turen over een open en vlak terrein maakt een weinig actieve indruk, alsof de valk uitrust, maar waarschijnlijk verzamelt hij informatie. Hij maakt, hoe onbewust ook, afwegingen; hier ga ik straks jagen, daar zeker niet. Net als het veren poetsen zou ook het turend zitten een nuttige tijdsbesteding kunnen zijn, waarmee het begrip vrije tijd in de natuur nog verder verdampt.
Judith Herzberg vertelde eens dat je veel tijd moet verprutsen om een gedicht te schrijven. Ik kan me voorstellen dat het zo werkt en pleit voor het paalzitten. Als ik me heb voorgenomen een beschouwing, of verhaal te schrijven, breekt er een sprokkelfase aan. Ik kijk gerichter om me heen, ga op zoek naar informatie, duik in de literatuur, en praat erover met onderzoekers of kunstenaars, afhankelijk van het onderwerp. Ik stel het schrijven uit, loerend op ongeziene verbanden, op essayistische vragen, op woorden die met het onderwerp te maken hebben en die soms ineens een nieuwe betekenis krijgen. Is de luipaard een lui paard of een leeuwpaard, leopardus? Iets vergelijkbaars in de muizenbranche doet de torenvalk. Hij stelt het jagen uit, maar is wel degelijk bezig zich daarop voor te bereiden. Net als de cheeta die de savanne vanaf een hoog punt, luierend in de gaten houdt. Zoals harder werken negatieve gevolgen heeft voor de levensverwachting van de torenvalk, is te lang jagen ongunstig voor de cheeta. Door zijn hoge snelheid kan hij oververhit raken en zelfs hersenschade oplopen. Hij luiert een groot deel van het etmaal en doet daar goed aan.
De vrije tijd van dieren is in zekere zin schijnvrije tijd. Ze kunnen maar beter niet harder werken dan ze doen. Bovendien is dat ogenschijnlijk nietsdoen bij nader inzien vaak nuttig. Vrije tijd in de onvrije natuur bestaat eigenlijk niet. Het zijn tegelijkertijd sterke aanwijzingen dat de luiaard, lummelaar en de lanterfanter bestaansrecht hebben en waarschijnlijk de meeste tijd heel goed bezig zijn.
Nrc   april 2013
 
 
3-Lucienne van Ek - Het nut van niksen.
 
Al zijn er nog zo veel geavanceerde machines die ons het werk uit handen nemen, mensen werken tegenwoordig 70% harder dan een eeuw geleden. Een onthutsende kosten-baten analyse van koortsachtige activiteit versus eindeloos niksen en de vergeten voordelen van rust en herstel…
'Luiheid bestaat niet! Luiheid is een lui woord voor iets anders', schrijft Remco Campert. Hiermee raakt de grote schrijver een uiterst gevoelige snaar in hardwerkend Nederland. Luiheid wordt door de meeste mensen beschouwd als iets slechts, een zonde zelfs. Wie lui is, onttrekt zich aan werk en dan moeten anderen harder werken. Psychiater Herman van Praag definieert luiheid als 'onvermogen, dan wel onwil tot planmatig leven en weerstand om doelgerichte activiteiten te ondernemen.' Maar is dat altijd slecht? Misschien denken wij in dit digitale tijdperk, waarin zelfs kinderen onder de tien het drukdrukdruk hebben, wel veel te lichtvaardig over het nut van niksen…
Zoöloge Joan Herbers onderzoekt al dertig jaar hoe wilde dieren hun tijd en energie precies verdelen. Daarbij is ze inmiddels tot de verbazingwekkende conclusie gekomen dat vrijwel alle diersoorten op aarde ruim tweederde (!) van hun leven doorbrengen met niksen. Oftewel: met zitten, liggen, dommelen, uitrekken, slapen of wachten tot er een hapklare snack voorbij komt. Volgens Herbers heeft de wetenschap zich in de vorige eeuw veel te eenzijdig bezig gehouden met wat dieren doen, en te weinig met wat ze niet doen. Jammer, want niksen heeft bij dieren vaak net zulke belangrijke redenen als actief gedrag…
Wie lui is, verbrandt immers minder calorieën dan wie de hele dag in gestrekte draf over de savanne jakkert. Zo heb je langer profijt van een maaltijd. Ben je toevallig een herkauwer met meerdere magen, dan zul je noodgedwongen vele uurtjes in ledigheid moeten doorbrengen ten behoeve van je spijsvertering. Sommige dieren luieren om warm te blijven, anderen doen het juist om oververhitting te voorkomen. En uiteraard geldt zowel voor roof- als prooidieren de camouflagevuistregel: hoe minder lawaai en beweging je maakt, hoe minder ongewenste aandacht je trekt.
Excuus
Omdat de natuur altijd een goed excuus heeft voor luiheid, kijken wetenschappers tegenwoordig anders naar de dierenwereld dan een paar decennia geleden. Biologen focussen minder op groots en meeslepend baltsgedrag en spectaculaire snelheidsrecords, en verleggen hun aandacht steeds vaker naar het niks doen van dieren. In de natuur gebeurt nu eenmaal alles met een reden. En wat blijkt? Of ze nu nectar verzamelen, een prooi achterna zitten, een partner zoeken of hun kinderen grootbrengen, dieren zoeken altijd naar de minst vermoeiende manier om taken te verrichten.
Een hommel die op een veldje bloeiende guldenroede stuit, spendeert rustig 100 seconden aan elke afzonderlijke, nectarrijke bloem. Wilgenroosjes produceren echter heel wat minder nectar en zijn daarom slechts een tankbeurt van 2 seconden per bloem waard. De hommel moet relatief meer vliegen om dezelfde hoeveelheid nectar te verzamelen, vandaar de tijdslimiet per bloem.
En wat te denken van broedparasieten zoals de koekoek of de Afrikaanse wida's, die hun eieren in de nesten van andere vogels leggen en daarna zelf hard wegvliegen? Kan het nòg luier? Tja… De koekoek wordt nog lang niet met uitsterven bedreigd, dus hij doet kennelijk toch iets goed. Overigens wordt tweederde van de eieren die broedparasieten bij een andere vogelsoort onder de veren schuiven, net zo hard weer uit het nest geknikkerd door oplettende gastouders. Maar een derde komt wel degelijk tot volle wasdom, zonder dat pa en ma koekoek er ook maar een minuut van hun tijd aan hoefden te spenderen.
Rotweer
Een andere vorm van functioneel niksen is de winterslaap die veel dieren houden. Verstandig! 's Winters is er immers niks te eten, het is rotweer, niemand heeft zin om te paren en buiten wemelt het evengoed nog steeds van de roofdieren, dus waarom zou je je warme hol verlaten?
Naast de overbekende winterslaap is er de veel minder bekende zomerslaap of aestivatie. Zo zie je in snikheet Spanje vaak trosjes zomerslapende slakken met z'n allen bij elkaar zitten op een paaltje of agaveblad: zo ontsnappen ze aan de hitte die uit de grond komt. Om onnodig vochtverlies van hun weke lijfjes te voorkomen, sluiten ze de ingang van hun slakkenhuis af met een speciaal membraam, het epifragma. In dit 'deurtje' zit een klein gat waardoor de slak kan blijven ademen.
Naast het maandenlange winter- en zomergesnurk zijn er bij dieren natuurlijk ook nog andere vormen te vinden van verregaande 'weerstand om doelgerichte activiteiten te ondernemen'. Zo slaapt de luiaard vijftien uur per dag en hij beweegt zó weinig, dat twee verschillende algensoorten zich permanent in zijn vacht hebben gevestigd. Dit passieve hangplantbestaan blijkt buitengewoon nuttig voor de luiaard: dankzij zijn superslome bewegingspatroon wordt hij zelden opgemerkt door roofdieren.
Nijlpaard
Andere luiwammessen zijn de koalabeer, die als gevolg van zijn weinig voedzame eucalyptusdieet zo'n 20 uur per etmaal slaapt, en het nijlpaard, dat alleen 's nachts een uurtje of vijf graast en de overige 19 uren van het etmaal in het water ligt te niksen. Daarbij slapen nijlpaarden ook gewoon onder water, met dichtgeklapte oren en neusgaten. Elke vijf minuten rijzen ze met hun dikke lijf slapend en wel naar de oppervlakte voor een teug zuurstof, om daarna weer in diepe rust onder de waterspiegel te zakken.
Zelfs dieren die altijd bekend stonden als (hyper)actief en werklustig, blijken een stuk luier dan we altijd dachten. Zo werd bijvoorbeeld lange tijd aangenomen dat het leven van spitsmuizen een niet-aflatende race tegen de klok was. Maar inmiddels weten we dat spitsmuizen 68% van hun tijd maar wat uit hun spitse neusjes zitten te eten.
Stel je ook vooral niet te veel voor bij het zogenaamd onvermoeibare klussen van bevers: ook zij komen hooguit vijf uur per etmaal buiten voor het verzamelen van voedsel en reparaties aan hun dam. In de overige 19 uur doen bevers het vooral heeeel rustig aan.
Of neem de beweeglijke kolibries, die met zestig vleugelslagen per seconde lijken stil te hangen voor de bloemen waaruit ze nectar zuigen. Deze miniatuurvogeltjes verbranden vliegend meer calorieën per gram lichaamsgewicht dan enig ander dier dat ooit door de wetenschap is bestudeerd. Maar biologen komen er nu pas achter dat kolibries zo'n 80% van hun tijd bewegingloos op een tak zitten en verder de hele nacht slapen.
Hoge pet
Van de ijver van mieren en bijen hebben we ook een hoge pet op, maar mieren werken maar 20% van hun tijd. Verder doen ze eigenlijk weinig. Rustig afwachten tot je misschien ergens nodig bent vinden mieren ook een heel nuttige bezigheid. Volgens entomoloog Gene Robinson hebben we onszelf volledig op het verkeerde been gezet door bij sociale insecten alleen maar naar het grote geheel te kijken. 'Pas nu we individuele bijen en mieren merktekens geven, weten we dat elke mier of bij ook heel veel vrije tijd heeft', aldus Robinson.
Zo hebben honingbijen altijd een leger in ruste paraat, dat bestaat uit lanterfantende soldaten die pas van hun luie abdomen komen als er echt iets ergs gebeurt. En ook de andere bijen en mieren sparen zo veel mogelijk hun krachten voor belangrijke taken die in de toekomst misschien moeten worden verricht, zoals het ontdekken van nieuwe voedselbronnen, overuren tijdens het oogsten of het opsplitsen van de kolonie. Je weet maar nooit waar het goed voor is, dus daarom is de beroepsbevolking in elk mieren- of bijennest altijd vele malen groter dan strikt noodzakelijk.
Recent onderzoek toont trouwens aan dat ook sociale insecten het zich niet kunnen permitteren om energie te verspillen aan onbelangrijke activiteiten. Elke mier en elke bij wordt geboren met een vaste hoeveelheid energie die ze aan hun kolonie kunnen besteden. Die hoeveelheid heeft niks te maken met het voedsel dat ze eten. Eigenlijk zijn mieren en bijen net batterijtjes: als ze een beetje zuinig aan doen, kunnen ze een jaar of nog langer mee. Maar bij non-stop rennen en draven zijn ze al na twee weken 'op'. Hoe harder ze werken, hoe sneller ze doodgaan.
Onder zeil
Apen blijken ook al niet de energieke oerwoudacrobaatjes waar we ze altijd voor hielden. De meeste gaan elke nacht twaalf uur lang onder zeil en houden zich driekwart van de dag vooral bezig met hang- en zitkunst voor gevorderden. Zo herinnert primatenkenner Frans de Waal zich hoe hij in Brazilië al voor dag en dauw was opgestaan voor het bestuderen van de zuidelijke spinaap. Klokslag 7 uur meldde hij zich met een collega in het apenbos, in de vaste overtuiging dat het dagelijkse voedselzoeken elk moment kon beginnen… Maar hij had net zo goed kunnen uitslapen, want dat deden de spinapen ook: pas om elf uur 's morgens werd de eerste aap wakker. 'Tegen die tijd viel ik zelf zowat in slaap', aldus De Waal.
Kortom, dieren weten wel wanneer ze hun rust moeten pakken. Dat is meer dan de meeste mensen van zichzelf kunnen zeggen. Zodra wij een middagdip voelen opkomen, gieten we meteen een kop sterke koffie naar binnen. Als het te warm is om te werken gaat de airconditioning aan en als het te koud is, gooien we gewoon de verwarming een graadje hoger. Vergeleken met dieren besteden Westerse mensen twee tot vier keer zo veel tijd aan werk, vooral als je alle huishoudelijke en familietaken en sociale verplichtingen er bij optelt. 'Door de huidige informatietechnologie is in de Verenigde Staten de productiviteit alleen al de afgelopen vijfentwintig jaar met 70% (!) toegenomen, terwijl het oorspronkelijk toch de bedoeling was dat we juist tijd zouden uitsparen', verzucht professor Warren Bennis. Toch zijn we allemaal harder en langer gaan werken en daar hebben we onze welverdiende rust voor ingeleverd, want de 24/7 wereldeconomie slaapt nooit.
Terwijl het nu juist zo heilzaam is om regelmatig te niksen en je eens lekker te vervelen! Vooral voor kinderen hebben verveling en niks doen belangrijke vormende eigenschappen. 'Als mensen leren om uit zichzelf te putten en zichzelf bezig te houden, dan is de behoefte om je te begraven in werk om emoties te ontvluchten minder groot. De leegte die daarmee gepaard gaat, wordt dan minder angstaanjagend en de drang om jezelf gerust te stellen door het opstapelen van activiteiten vermindert', stelt de Franse psychologe Etty Buzyn in haar boek 'Papa, maman, laissez mois temps du rêver!'. Kinderpsychiater Roger Teboul is het roerend met Buzyn eens: 'Het niet-actief zijn stimuleert het verlangen en het onafhankelijk denken. Het zet aan tot het nemen van initiatieven, het niet langer alles verwachten van anderen of volwassenen.'
Genie
Gertrude Stein (1874-1946) wond er ook geen doekjes om: 'Het kost ontzettend veel tijd om een genie zijn, want je moet heel vaak niksen, echt urenlang helemaal niets doen!' Volgens Stein zijn de slimste mensen vaak luie mensen. Mensen die altijd zoeken naar manieren om onder vervelende klussen uit te komen of het zichzelf gemakkelijker te maken en zo geweldige uitvindingen doen, wereldliteratuur schrijven of werkelijk vernieuwende kunst maken. Uit luiheid en niksen komen de mooiste dingen voort, want pas dan komt het aanhoudende gebabbel van innerlijke stemmen in ons hoofd eindelijk tot rust, en krijgt ware creativiteit een kans.
Voor menig overbelast mensenhoofd betekent stilstand dus allesbehalve achteruitgang. Integendeel. Stilstand is juist efficiënt, omdat je daarna veel sneller vooruit komt. Ons onderbewuste werkt stukken beter naarmate we meer tijd uittrekken om te niksen.
Dat voldoende rust tot meer creativiteit en productiviteit leidt, is al door vele wetenschappers bewezen. Het is zelfs zichtbaar in MRI-scans. De dorsolaterale prefrontale cortex is het meest actief tijdens bewust nadenken. Dit geavanceerde deel van onze hersenen gebruiken we om te analyseren en berekeningen te maken. Pas bij totale ontspanning valt de prefrontale cortex stil. Ons brein schiet dan in een meer 'primitieve' staat van zijn, waarin gedachten en sensaties kunnen opkomen zonder meteen te worden gecontroleerd, beoordeeld of gecensureerd. Mensen die weten hoe ze moeten mediteren kennen deze gezegende rust in de kop maar al te goed. Dit is ook precies het doel van meditatie: het ontstijgen van het innerlijk geklets in de prefrontale cortex en het bereiken van een weldadige geestelijke rust, die nieuwe energie en goede ideeën oplevert.
Slapeloosheid
Door aanhoudende spanning raken we uiteindelijk ook lichamelijk overbelast en ontregeld. Zo kwam de Amerikaanse arts Matthew Edlund er door twintig jaar onderzoek achter dat veel van zijn patiënten die klaagden over slapeloosheid in feite leden aan een chronisch gebrek aan rust. Edlunds laatste boek 'The Power of Rest: Why Sleep Alone is Not Enough' deed dan ook heel wat stof opwaaien in de Verenigde Staten.
'Mensen zijn geen machines', stelt Edlund. 'Wij bouwen onszelf steeds opnieuw op, we vernieuwen onze lichamen en hersenen met nieuwe cellen. Machines kunnen dat niet, wij wel. De cellen van onze hartspier vervangen zichzelf in zo'n hoog tempo, dat we in feite elke drie dagen een vernieuwd hart hebben. De huid van ons gezicht wordt elke twee weken ververst en onze darmcellen elke twee dagen. Een wandeling door de natuur levert 's nachts tijdens de slaap nieuwe hersencellen op in onze hypocanthus, een belangrijk geheugengebied.'
Helaas nemen de meeste mensen hun chronische vermoeidheid voor lief en zien ze het als een logisch bijverschijnsel van de hectiek van het moderne leven. Maar volgens Edlund is dat nergens voor nodig. 'Onze harten, hersens en centrale zenuwstelsel zijn gewoon zo overprikkeld dat we niet eens meer weten hoe het voelt om werkelijk uitgerust, verfrist en verkwikt te zijn. Mensen die wel genoeg rust nemen, presteren beter op het werk en zijn gelukkiger. Bovendien hebben ze een mooiere huid en blijven ze beter op gewicht dan mensen die zichzelf onvoldoende rust gunnen.' Oscar Wilde had dus gelijk toen hij schreef: 'Rond het veertigste levensjaar heeft iedereen het gezicht gekregen dat hij verdient.'
Celvernieuwing
Edlund onderscheidt in zijn boek vier verschillende soorten rust: fysieke rust, geestelijke rust, sociale rust en spirituele rust. Televisiekijken is volgens Edlund passief rusten. Dat levert ook wel enige celvernieuwing op, maar ons brein wordt toch voortdurend bezig gehouden door het programma-aanbod. Daarom kosten sommige ruststanden in onze hersenen toch meer energie dan het uitvoeren van simpele taakjes waarbij we ongestraft kunnen wegdromen, zoals bijvoorbeeld afwassen of aardappels schillen.
Voor voldoende mentale rust is het belangrijk dat we zo min mogelijk verschillende taken tegelijk uitvoeren, zoals sms'en tijdens het autorijden of tv kijken tijdens het eten. Daarmee zitten we onze hersens dwars, die liever op één ding tegelijk focussen. Sociale rust betekent tijd doorbrengen met vrienden of een praatje maken met collega's. Volgens veel wetenschappers zijn prettige contacten minstens zo belangrijk voor je overleving als stoppen met roken of afvallen als je veel te dik bent. Seks valt volgens dokter Edlund ook onder sociale rust.
Met spirituele rust doelt hij op meditatie. Mensen die mediteren zijn aantoonbaar gezonder dan mensen die dat niet doen. Uit hersenscans blijkt dat meditatie zorgt voor letterlijke uitbreiding van het brein, met dikkere en vettere frontale lobben. Dat is mooi, want daar huist ons concentratievermogen. Daarnaast leidt meditatie tot meer grijze massa in het middenbrein (waar ademhaling en bloedcirculatie worden geregeld) en in de al eerder genoemde prefrontale cortex, waar ons actieve geheugen en onze spiercoördinatie worden gestuurd. Overigens blijkt uit hersenscans dat bidden hetzelfde heilzame effect op ons brein heeft als mediteren.
Krachtslaapjes
Waarom zouden we eigenlijk niet veel vaker een dutje doen overdag? Van genieën als Leonardo Da Vinci, Albert Einstein en Thomas Edison is bekend dat ze graag midden op de dag een uiltje knapten ten behoeve van hun creatieve processen. Bij de NASA denken ze er inmiddels ook zo over. Uit hun eigen onderzoeken is overduidelijk gebleken dat krachtslaapjes overdag tot aantoonbaar betere resultaten leiden. Piloten die overdag 40 tot 45 minuten sliepen, verbeterden hun prestaties met 34% en hun waakzaamheid zelfs met 54%!
Sommige onderzoekers menen dat de middagdut vooral niet langer dan 20 tot 30 minuten moet duren, omdat je anders de rest van de dag groggy blijft. Maar anderen bestrijden dit en menen dat een siësta van 1 á 2 uur net zo nuttig is en dat je snel genoeg weer wakker bent als je meteen een kop koffie drinkt na het ontwaken. Uit onderzoeken aan de Harvard Medical School blijkt dat een dutje van een half uur er vooral voor zorgt dat je prestaties niet slechter worden aan het eind van de dag door information overload, terwijl een heel uur of anderhalf uur slaap dezelfde mentale verkwikking oplevert als een hele nacht slaap.
Misschien denk je nu: ik kan toch moeilijk een middagdutje inlassen op kantoor. Maar is dat wel zo? Zonder extra slaap overdag neemt je hersenactiviteit af gedurende de dag. Dit komt in feite neer op 'grijs verzuim': je bent dan wel fysiek aanwezig, maar je aandacht is er niet meer bij… Hoe aantrekkelijk is dat voor werkgevers?
Spijbelen
Bij veel bedrijven wordt slapen op het werk helaas nog steeds beschouwd als spijbelen. Toch wordt er heel wat afgedut op het werk. Het gebeurt alleen stiekem, op de wc of in de eigen auto tijdens de lunchpauze. Gelukkig komt er steeds meer aandacht voor de uitputtingsverschijnselen van de hedendaagse rat race. In maart 2012 wordt in de Verenigde Staten alweer de dertiende Sleep At Work Day gehouden: een initiatief van Bill Anthony, directeur van het Centrum voor Psychiatrische Rehabilitatie aan de Universiteit van Boston.
Volgens Anthony wordt er in Amerika massaal stiekem geslapen op het werk en wordt dit amper opgemerkt door collega's en werkgevers, simpelweg omdat die daar te moe voor zijn. 'Het is echt een epidemie', aldus Anthony. 'Terwijl bedrijven er juist hun voordeel mee kunnen doen als ze werknemers een middagdutje gunnen. Dat levert immers een hogere productiviteit, meer werkplezier en een betere gezondheid op onder hun personeel.' Steeds meer progressieve bedrijven moedigen middagslaapjes juist aan en faciliteren die ook met speciale rustruimtes in het bedrijfsgebouw, zoals Google, Nike en Union Pacific.
Misschien heeft Remco Campert uiteindelijk toch gelijk als hij zegt dat luiheid niet bestaat, maar gewoon een lui woord is voor iets anders, dat we nu pas beginnen te doorgronden. In ieder geval kunnen de workaholics en controlefreaks onder ons nog heel wat leren van verstandige dieren!
 
 
 
4-De kunst van het lanterfanten.
 
27/05/2011 | Veerle Vanden Bosch
Mijn dagelijkse bestaan ziet er doorgaans uit als een bolide die met een razende vaart vooruitscheurt. Ik kan er alleen maar achteraan hollen. Dat eist zijn tol: ik ben het stilstaan verleerd. Zelfs als ik niets te doen heb, slaag ik er niet meer in doelbewust niets te doen. Ik maak honderden plannen, maar kom nergens toe, waardoor ik me op het eind van de dag verbijt van spijt over zoveel knullig verlummelde 'qualitytime'.
 
 
5-Lang leve de lanterfant.
Matt Dings
21 augustus 2012
door Matt Dings
 
Straks, als ik dit stukje af heb, de pc heb geordend, de ontbijtspullen opgeruimd, een paar rekeningen betaald, een lijst voor een spreekuur ingevuld, naar fysiotherapie ben geweest, een frisse neus heb gehaald, mijn geliefde gekust, een goede vriend gebeld, de planten water gegeven, een afspraak met een klusjesman verzet, de telefoon opgeladen, een paar journalistieke sites bezocht en een kaart aan een terminale kennis geschreven en gepost, dan ga ik lekker een poosje niksen.
Dat klinkt gemakkelijker dan het is, niksen, maar het vergt wel flink wat oefening. Collega Pauline Bijster heeft onlangs al eens vastgesteld dat het haar maar niet wou lukken. Niet erg, Pauline, naarmate de jaren van Sturm und Drang verstrijken, wordt het gemakkelijker. Ik vind het fascinerend hoe sommige tachtigers doodstil op een bankje in het park kunnen zitten mediteren alsof ze hun hele leven boeddhisme hebben gestudeerd - nee, mediteren klinkt nog te actief, ze zitten er gewoon fijn te mijmeren over wat er geweest is en weer zal zijn.
Daarmee hebben we al één eigenschap van het niksen te pakken: niksen is nooit helemaal niets doen, het is vrijwel niets doen. Ook als je alleen maar op een stoel zit, doe je immers van alles: ademen, horen, zien, gewaarworden, denken. Bij niksen gaat het erom het echte niets doen te benaderen. Daarbij helpen heel kleine en onnutte activiteiten zoals kauwen op een grasspriet, kijken naar een zwerm mussen, een plukje haren tot een lok draaien (een eigen plukje, anders wordt het maar weer seks).
Zijn we op het strand, dan kunnen we heel goed niksen door zand in een fijn straaltje tussen onze vingers te laten lopen zodat er een spits hoopje ontstaat en door zeventien schelpen op een rijtje te leggen, of juist in een kring. Betreft het een zeestrand, dan mazzelen we, want het laat zich fantastisch niksen terwijl we naar de aan- en wegspoelende golven kijken. Ook wolken komen de liefhebber van het niksen van pas. Hengelen aan een waterkant lijkt op niksen, maar die gelijkenis zal elke visser krachtig tegenspreken. Gooi dan liever kleine steentjes in het water. Val niet in slaap, want dat doe je weer wat; soezen is wel toegestaan. Zo hoort piekeren of plannen maken ook niet bij niksen, maar dagdromen weer wel.
Het is jammer dat niksen een slechte pers heeft. Een nikser heet al gauw een leegloper of lapzwans en het niksen wordt steevast geassocieerd met verveling en saaiheid.
Het komt doordat veel mensen er niets van kunnen, van dolce far niente. Wie er wèl wat van kan, die voelt zich heerlijk als het weer eens zo ver is. Voeten op tafel, handen achter het hoofd gevouwen, laat de boeren maar dorsen: wij gaan eens uitgebreid luieren, lummelen, kaaiewaaien, lanterfanten en flierefluiten
 
 
 
6-Lanterfanten.
Door Atty van de Brake op zondag 21 juli 2013 13:56
 
Nu de zomer eindelijk ons wolkenrijke landje bereikt, mag ik de kunst van het lanterfanten beoefenen zonder mij daar schuldig over te voelen. Ik vind dat zo'n leuk woord.
Het woord is mogelijk ontstaan uit het Middelnederlandse 'lant' (= land) + 'truwant' (= bedelaar). De synoniemen zijn ook erg aantrekkelijk: flierefluiten, lummelen, tijd doorbrengen zonder iets degelijks uit te voeren, beuzelen, luilakken, rondhangen, slenteren en de mij onbekende woorden: sjappietouwen, laveien en straatslijpen.
 
Lanterfanten is een veredelde vorm van onthaasten. Het klinkt overigens makkelijker dan het is. Dat komt omdat mijn calvinistische achtergrond mij (in mijn hoofd ) tot de orde roept, dat lees je al hierboven in 'iets degelijks uitvoeren'. Oh jee, we zouden toch eens iets ondegelijks doen! Een totaal nutteloze non-actie niet-doen. Stel je voor! Ieks. Maar het is ook gewoon moeilijk voor mij als social media addict. Het FOMO-effect openbaart zich: The Fear Of Missing Out. De angst om iets te missen. Dat ik vorig weekend ontzettend last kreeg van RSI-achtige pijnlijke klachten aan mijn rechterhand, -pols en -arm, helpt wel. Pauzes inlassen wordt een must dus. En zo bouw ik mijn intensieve #project365 'zoek-je-baan' activiteiten even af, om ruimte te bieden aan het tropische niets. In dat niets kan ik dan opeens weer een boek lezen.
 
Lanterfanten is ook moeilijk door de maatschappij waarin wij nu leven, waar je nu eenmaal een onlosmakelijk onderdeel vanuit maakt. Ik heb net het boek Borderline Times van de Belgische psychiater Dirk de Wachter uit. Hierin verhaalt hij, met veel citaten van filosofen en concrete, recente voorbeelden over deze gekke tijd, waarin we allemaal symptomen vertonen van een Borderline stoornis. Ik herkende in ieder geval heel veel. Dat alles leuk moet zijn. De maakbaarheid van geluk. Gebrek aan hechting, identiteitsproblemen, depressies. Ik ken toch veel mensen die antidepressiva slikken zeg! Dat je, omdat je keuzes hebt, een loser bent als je niet succesvol bent. De etikettering van de vele aandoeningen (ADHD, autisme, etc.) en de falende opvoeding van ouders die geen grenzen meer stellen, waardoor jongeren ontsporen doordat ze grenzeloos worden dan wel niet kunnen voldoen aan (school)prestaties en erbij horen (toenemend aantal zelfmoorden onder pubers). Ik propageer geen deskundige te zijn op een van deze gebieden, integendeel. Maar lees dat boek eens, het verheldert veel. Het gevoel dat je in een rollercoaster zit naar een onbekende bestemming, herken je dat? De 'oplossing' die De Wachter aanbiedt in zijn boek, is overigens minder transparant. Hiermee (is er al iemand afgehaakt omdat dit te-ver-van-je-bed-show is, het ging toch over lanterfanten) wordt de filosoof Levinas ten tonele gebracht die zegt (in gewone mensen taal): "Wie goed doet, goed ontmoet". Zo simpel mag het leven zijn. Hoezo alles volgen op Facebook (tot aan alle intieme details over de zomervakantie van je buren)?
 
Gisteravond zag ik mijn favoriete film Into the wild. Daarin zie ik ook een brug naar dit verhaal, omdat onze hang naar individualiteit, individuele vrijheid doorgeschoten is, waardoor we onthecht raken, en zoals die film terecht afsluit, na een poosje als 'supertramp' (zwerver) die vrijheid doorleefd te hebben, schrijft de doodzieke jongen: 'Happiness is only real when shared'.
Vanuit mijn herinnering nog een beeld dat opdoemt: een strip van Jan, Jans en de kinderen. Jeroen en Catootje lanterfanten in de zomervakantie: "Ik verveel me. Wat fijn. De zomer duurt lekker lang als je je verveelt."
 
Mijn stelling is dat lanterfanten gezond én ook moeilijk is. Beschouw het vooral NIET als een uitdaging, want dat is de manier om het een trendy etiket te geven waardoor het een prestatie wordt. De kunst van het lanterfanten is juist om niets te hoeven, niets te verwachten, soort van bijna niet-zijn. Daarom is het ook een 'kunst' omdat we (ik ook) dit dreigen te verliezen: accepteren dat er soms niets hoeft.
 
 
 
 
7-Wie niets doet, leeft beter.Gezond.nu
 
 
1 augustus 2014  | Dossier:  Stress    
 
 
Wie druk is, gaat harder werken. Fout! Hoe tegenstrijdig het ook klinkt, juist lanterfanten vermindert stress, vermeerdert creativiteit en zet je kompas in de juiste richting. En daarvoor moet je actief niets doen. Hoe doe je niets op de beste manier? En wat gebeurt er allemaal in je brein? Psycholoog Kemal Inci legt het uit.
 
 
We houden van doeners. We zijn graag verantwoordelijk en we hebben graag altijd iets om handen. Daarom vinden we de momenten dat we weinig doen, vaak lastig. Niets doen voelt niet goed. Maar wie denkt dat nietsdoennerij nutteloos is, komt bedrogen uit. “Juist wanneer je niets doet, ontdek je waar het leven werkelijk om draait,” stelt psycholoog Kemal Inci. Als bedrijfspsycholoog en eerstelijnspsycholoog weet hij als geen ander hoe gezond niets doen kan zijn. Maar hoe doe je niets?
 
Niets doen? Stel geen eisen
 
“Niets doen is simpelweg iets doen zonder de door jezelf of door anderen opgelegde verplichtingen of verwachtingen,” vertelt Kemal Inci. Relaxen op de bank, mediteren of liggen met je voeten in het gras. Maar ook tuinieren, naar de yoga gaan of een drankje op het terras kan dat zijn. Voelen wat je voelt, zien wat je ziet.
 
Hoewel jijzelf in volledige rust bent en er niets uit je handen komt, zijn je hersenen enorm actief. Ze leggen razendsnel creatieve verbindingen, activeren probleemoplossend denken en onderscheiden hoofd- en bijzaken.
 
Inci: “Je laat je alledaagse focus en controle los en komt in een staat van overgave en verruimd bewustzijn. In plaats van ‘worden geleefd’, leef je. In deze beschouwende staat sta je stil in de maalstroom van alledag. Een staat die je mogelijkheden biedt om tot inzicht te komen of je de juiste doelen nastreeft. En of je wel bereikt wat je daadwerkelijk nodig hebt, de wezenlijke behoeftes.”
 
Wel doen: wezenlijke behoeften vervullen
 
Want daar draait het om: behoeftes vervullen. “Gewoonlijk zijn het prikkels van allerlei aard die stimuleren om activiteiten te verrichten. Die komen van buitenaf of binnenuit,” vertelt Inci. Zo is een hongerige maag het signaal van binnenuit dat je iets moet eten. Het stimuleert je om voedsel te verkrijgen. In deze maatschappij betekent dat je hiervoor moet landbouwen of werken om eten te kopen. Of een vriend die vraagt een boodschap voor hem te doen, is een prikkel van buitenaf om iets te doen. Dat is allemaal niet erg, want “onze belangrijkste taak is om onze eigen behoeften en die van onze dierbaren te vervullen.”
 
Je mist de roos wanneer je constant werkt, doet en druk bezig bent, zonder dat deze activiteiten daadwerkelijk jouw wezenlijke behoeftes en die van je dierbaren vervullen. Dan word je geleefd en raak je op den duur overspannen. “Af en toe écht niets doen, voorkomt stress en burn-outs.”
 
Go with the flow = lanterfanten
 
Hoe doe je goed niets? Hoewel iedereen anders is, geldt één ding: ontrek je actief aan een situatie waartoe je iets bent verplicht, die eisen aan je stelt of waar je weer in control moet zijn. “Voor de één is dat yoga, voor de ander is dat schrijven of dagdromen. Hoeveel tijd zoiets kost, is afhankelijk van de persoon zelf. Of nog beter: integreer een vast bezinmoment in je leven. Een dagevaluatie, weekevaluatie, jaarevaluatie” adviseert Inci.
 
Een heel paradoxale opdracht, want in feite doe je niets maar “is het ook de bedoeling dat je jezelf vrijmaakt van verplichtingen en gaat ontspannen. Wanneer je jezelf overgeeft aan het leven, lijkt het alsof je de controle verliest. Maar niets is minder waar. Juist dan leid je meer je leven en gebruik je energie voor zaken die er werkelijk toe doen.”
 
 
 
8- Lanterfanten voor professionals (Annemieke Rozemond)
Innerlijke rust en hard werken
Als je professional of leider bent, denk je waarschijnlijk dat je hard moet werken om anderen van dienst te zijn met je talenten en kwaliteiten. Misschien heb je geleerd dat achterover zitten of niks doen iets is voor watjes. Als je niks doet kom je nergens! Je hebt leren doorzetten en dat heeft je waarschijnlijk ook veel opgeleverd.
 
Maar misschien heb je ook veel ingeleverd. Er is niets mis met hard werken. Het kan heerlijk zijn om ergens helemaal in op te gaan, je te geven voor je werk en iets te betekenen. Als het maar afgewisseld wordt met voldoende rust. Liefst rust van hoge kwaliteit. Als je te weinig uitrust na hard werken, kan je roofbouw plegen op je zelf. Ook al houd je nog zoveel van je werk. En dat gaat op termijn ten koste van je gezondheid.
 
Bovendien mis je, als je weinig rust neemt, de kans om contact te maken met je onderbewuste of je ziel. Je mist kansen op sturing vanuit je intuïtie. En als je die kansen laat gaan word je als een stoomtrein zonder rails: je hebt veel energie nodig om enigszins vooruitgang te boeken en je weet eigenlijk niet waar je heen stoomt. Dat kost je je reserves en je lol in je leven waardoor je weer meer rust nodig hebt, maar die denk je je niet te kunnen veroorloven want….
 
Je kent de signalen vast wel: pijn in je schouders of hoofd, pijn in je rug, piekeren, moeilijk kunnen stoppen, onrustig slapen. Je denkt dat het goed is dat je hebt leren doorzetten ondanks deze signalen. En je luistert er niet meer naar.
 
Er is een andere weg. Een lichtere weg, waarbij je steeds in je leven contact maakt met je innerlijke rust. Waarbij je ervoor zorgt dat je je bijtijds oplaadt. Waarbij je het moment voelt en merkt dat je leeft. Voel je hart maar eens kloppen. Ja nu. Stop maar met lezen….Kun je je hart voelen kloppen? Al is het maar dat je je kunt voorstellen dat het klopt.
 
Kun je je hart waarderen dat het zo de hele dag vanzelfsprekend zijn werk voor je doet? Je hoeft je er geen moment mee bezig te houden!
 
Door je geregeld te oefenen in mediteren, wordt rust een vanzelfsprekendheid voor je. Je gaat meer openstaan voor een laag in je die je steeds oplaadt en voedt. Een innerlijke vredigheid waar je in kan rusten en die je makkelijk kan terugvinden. Van daaruit kun je makkelijker actie ondernemen. En dat gaat zich vertalen naar je werk: dat wordt lichter en je kunt beter je intuïtie volgen.
Dit is een nieuwsbrief van Annemieke Rozemond. Mijn doel is om leiders en professionals te helpen om te werken vanuit innerlijke rust en waardering.
 
www.rozemondcoaching.nl
 
 
 
9-The art of lanterfanting  (Ingeborg van Beek)
Creativiteit. De motor van mijn bestaan. Niet alleen van mij; zonder creativiteit zou de wereld er heel anders uitzien en zou er voor geen enkel probleem een oplossing bestaan.
 
Creativiteit is niet iets dat je aan of uit kunt zetten. De meest briljante ideeën ontstaan immers op 'onbewust creatieve momenten'. Onder de douche, op het toilet of 's nachts als je even wakker wordt.
 
Dus: er eens even lekker voor gaan zitten om dan succesvol creatief te zijn, heeft vaak weinig zin. Een zogenaamde AHA-erlebnis ontstaat pas nadat het probleem eerst bestudeerd is en vervolgens wordt losgelaten. De boel even laten bezinken, er 'een nachtje over slapen' of het even wegleggen. Ons brein maakt dankbaar gebruik van deze adempauze en reorganiseert alle informatie, zonder dat we het in de gaten hebben. Het is juist deze reorganisatie die tot creatieve oplossingen leidt.
 
Beelddenken
 
In tegenstelling tot wat veel mensen denken, heeft het structureren van het creatieve proces juist wel zin. Divergeren heet dat, of ook wel 'geleide fantasie'. Het is een soort brainstormen waarbij je gebruik maakt van beelddenken. Hiermee doe je een beroep op diepere lagen van je brein. Onbewust maken we hier al vaak gebruik van: je droomt bijvoorbeeld in beelden. Bij geleide fantasie sturen we dit proces heel bewust. En daar maken communicatieadviseurs zoals ik dan weer graag gebruik van....een beetje structuur aanbrengen in de creatieve, soms zweverige chaos.
 
Lanterfanten
 
Toch loopt mijn eigen creatieve proces ook niet altijd op rolletjes, bemerkte ik toen ik gisteravond ging repeteren met mijn jazzband. Finn, onze toetsenist, merkte droogjes op dat ik wat vaker zou moeten lanterfanten. "Is goed voor je creativiteit. Om beter te worden in improviseren: nummers ontleden, loopjes bedenken, solo's pakken…", zegt hij terwijl hij met een dromerig gezicht zijn keyboard klaarzet. Zijn opmerking zet me aan het denken. Ik laat het woord 'lanterfanten' door mijn mond rollen en heb er wel wat associaties bij. Ik denk aan zand tussen mijn tenen, witbier met citroen en loom voor de open haard liggen en een boek lezen. Lekker!
 
Tot zover. Al gauw sta ik weer met beide benen op de grond: ik weet dat ik hier vreselijk slecht in ben. Zomaar een middag in het gras gaan liggen en naar de wolken staren? Luieren, lummelen, niksen? Niets voor mij. En hoe lekker het woord lanterfanten ook klinkt, het staat voor mij synoniem aan niets-doen en niet-productief zijn.
 
De geur van een volle luier
 
Toch wil ik het wel eens proberen. Wie weet welk fantastisch creatief proces ik misloop door het niet te doen? Ik zet mijn mobiel uit en doe de gordijnen dicht. Als na vijf minuten het ongemakkelijke gevoel begint af te nemen en ik net begin te denken dat ik hier wel aan kan wennen, stormt mijn dochtertje de kamer in. De geur van een volle luier herinnert me aan een taak die op me ligt te wachten. Dan komt mijn man binnen en trekt alle kussens van de bank omdat hij zijn sleutels zoekt. "Waarom zijn de gordijnen dicht, zo zie ik helemaal niks!", roept hij verontwaardigd uit.
 
Het is voorgoed gedaan met lanterfanten als de bel gaat en er een knappe TNT bezorger om mijn handtekening vraagt voordat hij een pakket aan mij wil overhandigen. "Natuurlijk", zeg ik op een plagerige toon, "zeg maar waar je hem wilt hebben." Het beelddenken is bij mij in volle gang, het lanterfanten heeft dus tóch geholpen!
 
Lanterfanten-arrangement
 
Ik zwaai mijn man uit, verschoon de luier van mijn dochter en zet de kids aan de LEGO. Dan pak ik snel mijn laptop om toch nog maar even een deadline te halen. Maar al snel dwalen mijn gedachten af en Google ik het woord lanterfanten. Ik lanterfanter het hele www af, tot ik een heerlijk lanterfant-plekje heb gevonden met een lanterfanten-arrangement.
 
Mijn fantasie gaat aan het werk en ik zie mezelf al liggen tussen de madeliefjes in het hoge gras. Dan kijk ik op de klok en ga keihard aan het werk. Dáár word ik nou rustig van.
 
sept 2014.
 
10-Het is de hoogste tijd om niks te doen.
 
Voor topsporters is niksdoen doodnormaal: dat zijn de uren waarin eigenlijk het meest gebeurt. Tijdens de training beulen ze genadeloos hun spieren af, waarna in de rusttijd nieuwe spiermassa wordt aangemaakt. Sporters weten: je spieren groeien niet tijdens het trainen, maar tijdens het rusten.
Alles leidt naar een totaal overspannen samenleving, die zichzelf in alle haast van binnenuit opblaast en ons daar allemaal in meeneemt
Mooie metafoor voor het leven van normale niet-topsportende zielen als wij. Want inderdaad: ook bij ons gebeurt vaak het meest als we lanterfanten. De beste ideeën verzin je onder de douche of in de hangmat. Kinderen maken de mooiste dingen als ze zich vervelen. En over veel Nobelprijswinnaars gaat het verhaal dat ze hun grootste inzichten kregen terwijl ze onkruid stonden te wieden of het gras maaiden.
 
Ondertussen beweegt de maatschappij zich precies de tegenovergestelde richting op. Internet en smartphones zorgen dat elke minuut zich steeds
dwingender vult. Jonge kinderen worden van clubje naar clubje rondgereden en leren af zichzelf te vermaken. Wandelaars op de stoepen van New York en Singapore blijken de afgelopen 20 jaar bijna 30 procent sneller te zijn gaan lopen. Je hoeft alleen maar het lijntje door te trekken om te zien waar dit uiteindelijk toe leidt: een totaal overspannen samenleving, die zichzelf in alle haast van binnenuit opblaast en ons daar allemaal in meeneemt.
 
Terwijl tijd misschien wel het kostbaarste bezit is wat we hebben. Want tijd veroorzaakt reflectie en reflectie veroorzaakt verbetering. Tijd veroorzaakt ontspanning en ontspanning veroorzaakt verbinding. Tijd veroorzaakt creativiteit en creativiteit veroorzaakt geluk. We zouden met elkaar onze tijd moeten legen, in plaats van vullen.
Het is de hoogste tijd voor een herwaardering van lanterfanten
Gelukkig kun je, zoals altijd, zelf het goede voorbeeld geven. Maak je agenda leeg. Heb je jonge kinderen? Jaag ze dan niet naar al die clubjes. Richt een stilteruimte in op je werk, maak tijd voor wandelingen en meditatie. Zet vaker je telefoon en je e-mail uit. Organiseer mediastille weken voor jezelf, zonder Netflix of Facebook. Maak een kampvuur. Ga op vakantie ook werkelijk offline.
 
Het is de hoogste tijd voor een herwaardering van lanterfanten. Niksdoen mag best het nieuwe druk-druk- druk worden, zodat niet jouw onmisbaarheid je status en zelfrespect geeft, maar juist jouw overbodigheid. Leg 'm weg, die krant. Ga naar buiten. Het is tijd om niks te doen. Daar hebben we best een beetje haast mee.Alles leidt naar een totaal overspannen samenle-ving, die zichzelf in alle haast van binnenuit opblaast en ons daar allemaal in meeneemt.
 
Het is de hoogste tijd voor een herwaardering van lanterfanten
 
David en Arjan van 365dagensuccesvol.nl hebben één doel: Nederland het gelukkigste land van de wereld maken.
 
 
 
11-Zeven redenen om te lanterfanten.
Terug van vakantie, er weer dubbelhard tegenaan. Regelen, plannen, evalueren, reorganiseren, optimaliseren... Even was er rust, een paar weken kon je ‘lekker niks doen’. Maar het lijkt wel alsof dat niksdoen één groot doel had: meteen daarna nog harder nog meer doen. Waarom moet alles steeds maar beter, sneller, gestroomlijnder? Door Reinier Sonneveld
Wie deze vakantie met het vliegtuig terugkwam van de vakantiebestemming, zal minstens één ding zijn opgevallen. Je steeg op, keek naar beneden en zag een chaos. Je landde in Nederland, keek naar beneden en zag een uiterst nauwgezet vakjespatroon. Nederland is het land van de opperste ordening. De kadasters hebben elke VINEX-struik gearchiveerd, over elke komma op de 2in1-shampoo-verpakking (nu met handgrepen) is vergaderd, groen glas in de groene glasbak, bruin glas in de bruine, evaluatievergaderingen, time management, clean desk policy, ultra-dit, mega-dat, targets... Alles heeft zijn nut, alles zijn plekje, alles is doelgericht. Want alles kan sneller, beter, hoger, meer. Net terug van vakantie en meteen weer mee in de stroom. Nauwelijks tijd om met heimwee terug te kijken aan die heerlijke vakantieweken. In het begin van de vakantie zat het nog in je lijf: meer, meer, meer. Je wilde efficiënt vakantievieren, je wilde nu eindelijk eens optimaal genieten... Maar later in de vakantie werd je waarschijnlijk rustiger. Je ontdekte het genot van het nutteloze. Hier 7 redenen om te blijven hangen, lummelen en dralen.
1. Inspiratie komt in de vergeten momenten In 2002 gaf 29 % van de Nederlandse bevolking aan onder ‘hoge tijdsdruk’ te moeten werken, 41 % moest in een ‘hoog tempo’ werken. Gezien onze welvaart zijn dit wonderlijk extreme cijfers. Stress kost Nederland elk jaar tegen de 3 miljard euro. Nog even en klachten als gevolg van hoge werkdruk zijn volkskwaal nummer 1. Prof. Philippe Corten, verbonden aan de universiteit van Brussel, studeerde jaren op het onderwerp stress en meent dat stress van alle tijden is. Maar er is tegenwoordig wel een extra factor: ,,De hele organisatie van onze huidige samenleving en het idee dat men het ‘nuttige’ tijdsgebruik moet maximaliseren, waarbij het idee zit dat er geen dode tijd mag zijn. Zich ontspannen wordt als verloren tijd beschouwd ofwel moet zeer afgemeten, gechronometreerd zijn’’. We hebben en masse het idee gekregen dat alles een functie moet hebben, dat elk stukje tijd nuttig moet zijn. Maar sommige dingen lijken allergisch voor nut en verschijnen pas op momenten die nutteloos lijken. Zo heeft schrijver Harry Mulish zijn beste ideeën als hij onder de douche staat. En schrijfster Renate Dorrestein verklaart: ,,Als inspiratie één kenmerk heeft, dan is het nu juist dat zij niet te halen valt. Inspiratie is niet iets waar je met een vlindernetje achteraan holt om het te bergen in een glazen pot’’. Iets als inspiratie is nauwelijks te ‘pushen’ of te stimuleren, er zijn geen trucjes voor. Sterker nog, als je inspiratie doelgericht najaagt, blijft het weg.
2. Verrassingen komen bij ‘slechte’ organisatie Adrian Verbree is predikant en een van de velen die een zogeheten burnout kreeg. Hij was volkomen opgebrand. In zijn boekje Eclips vertelt hij hoe efficiënt hij kon werken. Hij droeg een opvallend grote agenda bij zich waar hij elk stukje tijd in noteerde: ‘Zelfs mijn ontspanning is gepland: als ik nu direct wegga, kan ik nog drie kwartier vissen...’. Daarachter zat een onvermoeibare controledrang: ‘Ik kan er niet tegen wanneer ik mijn grip op de dingen verlies. Ik heb altijd alles onder controle’. En zelfs in zijn proces van herstel maakte hij nog vaak dezelfde fout: ‘U pakt uw genezing aan als een project’, verwijt zijn psycholoog hem. ‘Met dezelfde gedrevenheid en snelheid waarmee u zoveel in uw leven hebt aangevat, zo zit u ook hier. Zo werkt het niet. Een tijdschema is onzin.’ In de verhalen van burnout gebeurt uitvergroot waar veel meer mensen onder lijden: controledrang en overorganisatie. In Nederland weet je dat je bus om 14.51 komt. Dus je vertrekt om 14.46 van huis, het is 3 minuten lopen, je hebt 2 minuten speling en daar is de bus. We kijken strak voor ons uit, hebben geen ruimte in ons hoofd voor een kletspraatje, en we zuchten als de bus een paar minuten vertraging heeft. Maar dan een land als Nicaragua. Daar weet je dat de bus 2 uur te laat kan vertrekken, maar ook 2 uur te vroeg. Dus kom je ergens ‘s ochtends aan kuieren, je vraagt iemand of de bus al vertrokken is, nee, oh, waar moet je naartoe, waar kom je vandaan... En je hebt weer een kennis erbij en hoort de prachtigste verhalen. Juist omdat het slecht werkt, werkt het. García Márquez schreef: ‘Span je niet zo in, de beste dingen gebeuren wanneer je ze het minst verwacht’. Als Fleming wat zorgvuldiger met zijn petrischaaltjes was omgesprongen, zaten we nu zonder penicilline.
3. Grote beslissingen laten zich niet efficiënt nemen Hoe langer de wijn staat, hoe beter die wordt. Rijping komt met de jaren. Professor Koen Raes is rechtsfilosoof in Gent en werd uiterst kritisch op onze westerse cultuur: ,,We wensen dat handelingen en toestellen hun nuttigheid bewijzen en wat dat niet kan, wordt overboord gegooid. Nochtans leiden nuttigheidsvragen zelden tot definitieve antwoorden. Zij stoppen meestal bij een heel rechtstreekse nuttigheid. De nuttigheidsvraag ontwijkt zelfs die fundamentele vraag: we worden overrompeld door dermate talrijke kleine nuttigheidsoverwegingen, dat de globale vraag naar het waarom en waartoe van alles zelden wordt gesteld, laat staan beantwoord.’’ Efficiëntie en doelmatigheid hebben zeggingskracht over de details, maar zijn krachteloos als het gaat om de grote vragen. Dat is ook precies het onbehagen dat je voelt bij een christelijk boekje als Het 60-minuten huwelijk. Rob Parsons schreef het met als ‘lokkende’ slogan: ‘Eén uur om je huwelijk diepgaand te vernieuwen...’. Welja, eventjes huplakee in een uurtje een heel huwelijk doornemen en ook nog eens ‘diepgaand vernieuwen’! Wie efficiënt wil leven, zal niet aan de grote vragen toekomen. Wie met een microscoop een olifant wil bestuderen, zal er weinig van snappen. Maar als je even, vermoeid waarschijnlijk, van je microscoop opkijkt, dán gebeurt er iets... Hoeveel besluiten tot een huwelijksaanzoek zullen zijn genomen juist in de file of in de wachtrij?
4. Een geduldig mens is een rijker mens Cliff Powell en Graham Barker schreven het boekje Druk, druk, druk! over ‘christelijk stress management’ en constateren dat een jachtig mens vaak een geestelijk onvolwassen mens
is: ‘Een dieperliggend probleem is dat stress-verhogende zaken voorzien in onbewuste behoeften. We laten onszelf vaak overbelast maken omdat het voorziet in een innerlijk behoefte’. Zij plaatsen deze onvolwassenheid in een voortdurend gevoel van tekortschieten: ‘Het volwassen individu echter ervaart niet de druk dat hij zich aan andere móet vasthouden en aan hun verwachten voldoen.’ Adrian Verbree peilt ook iets dergelijks in hemzelf: steeds was hij druk, maar ,,niet per se uit liefde voor het werk, niet uit hobbyisme, maar uit schuldgevoel’’. De christelijke filosoof Blaise Pascal (1623-1662) ontwikkelde beroemde ideeën over de ‘verstrooiing’ die mensen zoeken. Mensen kunnen hun sterfelijkheid niet aan en vluchten in verstrooiende activiteiten: ‘We streven naar een rustig leven door te strijden tegen het een of ander dat dit in de weg staat, en als we het uit de weg geruimd hebben wordt de rust ondraaglijk. We moeten daaraan ontsnappen en kunnen niet anders dan om drukte smeken’. Altijd willen we volledig door iets in beslag worden genomen, anders gaat de rotzooi in onszelf sarren. In de Middeleeuwen was traagheid een van de zeven hoofdzonden. Maar hier werd niet ‘relaxen’ mee bedoeld, maar verwaarlozing van je geestelijke kracht, aandachtsverslapping. Juist het huidige druk-druk-druk lijkt dus een vorm van die oude hoofdzonde traagheid, een vlucht voor je innerlijke chaos. Jos Douma (zie kader) vond bij zichzelf een dergelijke angst voor stilte: binnen is het zo onrustig. Maar wie het lukt door die angsten heen te breken en echt tijd voor zichzelf te nemen, zal een voller mens worden, met een dieper contact met zichzelf en... met God.
5. God schiep de zevende dag Christenen lijken wel extra bedreven in doelgericht denken, en zeker calvinisten heten een ijverig volkje. Socioloog Max Weber ontwikkelde vanuit deze constatering zelfs zijn beroemde Weber-these: de calvinistische vlijt zou een van de hoofdoorzaken zijn van het ontstaan van het westerse kapitalisme. Stel dat deze these klopt, dan heeft toch iemand de Bijbel verkeerd begrepen. Want de Bijbel zelf neemt alle tijd: 1000 bladzijden en nota bene viermaal een Evangelie. Dat had efficiënter gekund. Maar dat gebeurde nu net niet. Cliff Powell en Graham Barker wijzen op de houding van Jezus Christus zelf. Hij wacht dertig jaar eer Hij met Zijn openbaar optreden begint. Hij blijkt te weten dat Hij een ‘vraatzuchtig’ mens werd genoemd, toch staat Hij direct erna toe dat een vrouw een klein fortuin aan mirre over Zijn voeten giet (Lucas 7). Nutteloze verkwisting. Jezus kende Zijn prioriteiten, Hij kon mensenmassa’s achterlaten (Mattheüs 8) en genas niet alle mensen in Israël: Hij moet langs de verlamde man bij de tempel zijn gelopen die later door Petrus werd genezen (Handelingen 3). Voelen we ons deserteurs van de schepping als we rusten? Is rusten decadent? Rust hoort bij het werk als de oogleden bij de ogen. Zelfs God doet het als Hij de zevende dag schept. ‘Ga tot de mier, gij luiaard’, sprak Salomo (Spreuken 6). Maar als Salomo de huidige mier-mensen had gezien, had hij ongetwijfeld geschrokken gesproken: ‘Ga tot de luie varkens, gij streber!’ Je kunt de tijd doden zonder de eeuwigheid te verwonden. Aan de bodem van ons gestress treffen we waarschijnlijk weer de aloude zelfoverschatting aan, de oerzonde: hoogmoed. Juist het overmatige schuldgevoel van jachtige mensen wijst hierop: wie denken we wel dat we zijn, dat we geen nee kunnen zeggen, dat we dus alles maar tot onze verantwoordelijkheid en gebied menen te kunnen rekenen? Jachtigheid wijst op een
gebrek aan realiteitszin. Wie vandaag God nog kent, zal ook eerder zijn plek en capaciteiten beseffen.
6. Schoonheid is niet nuttig De Gentse kardinaal Godfried Danneels is uiterst kritisch over ons westerse tijdsbegrip: ,,Snelheid is de oorzaak van veel ongevallen in het leven en de liefde. Geduld gunt aan de tijd zijn kansen opdat mensen en dingen kunnen rijpen. Ongeduldig zijn is vergeten dat alles ergens ‘geboren’ moet worden en dat alles gedragen moet worden en uitgedragen als een ongeboren vrucht’’. De term quality time burgert steeds meer in en bederft alles waar de liefde over gaat: liefde valt niet efficiënt te beleven, liefde wil zich niet laten plannen. Liefde wil juist alle agenda’s in de war schoppen en uitzinnig nutteloos zijn. Net als de schoonheid. John Ruskin sprak: ,,Bedenk dat de schoonste dingen op aarde de meest nutteloze zijn: pauwen en lelies bijvoorbeeld’’. Of neem sport. Christelijk filosoof C.E. Evink ziet wel allerlei functies van sporten: voor je gezondheid, voor sociale contacten, maar: ,,De belangrijkste reden om voor sport te kiezen, ligt in de sport zelf. Mensen doen sport omdat het leuk is. Slechts in tweede instantie kan sport functioneel zijn voor een bepaald doel. Het is zelfs essentieel voor sport dat het bijzaak is. Wanneer men sport dienstbaar wil maken aan een hoger doel, zou dat wel eens ten koste kunnen gaan van de sport zelf’’. Alle grote dingen van het leven onttrekken zich aan planning en beheersing. Kardinaal Danneels: ,,Niets behoort ons toe, ook de tijd niet. Alles is ons gegeven. De christen gaat de tijd niet te lijf als een veroveraar, maar hij beschouwt de tijd als een gave’’. Wie niet snapt wat genade is, zal als een razende proberen ook de liefde en de schoonheid te plannen en te beheersen. Maar doelgerichte kunst is vaak kitsch, en ‘efficiënte’ verwondering is een kick.
7. Genieten kan niet doelgericht In de strip Casper & Hobbes klaagt Casper: ‘Het is zondag en ik heb nog maar een paar uur vrijheid voor ik weer naar school moet. In tussentijd moet ik alle mogelijk lol persen uit elke minuut. Ik wil geen seconde vrijheid verspillen, ik wil elk moment kunnen zeggen: ik heb de tijd van mijn leven!’ Hobbes: ‘Ik wist niet dat lol zoveel werk betekende’. Casper: ‘Wel als je je er serieus aan zet. Dan is er geen lol meer aan’. Waarom moeten we zelfs als we niets doen, toch nog iets doen (vissen, kanoën, zonnen, lezen)? Om een waan van nut te koesteren? We ontspannen niet zomaar, we ontspannen ergens óm. We ontspannen om weer fris te kunnen werken. En vervolgens werken we hard om langer te kunnen ontspannen... Je zou bijna vergeten hoeveel we in het Westen ook aan dat harde werken, al die plannen en doelen te danken hebben. Want efficiëntie op zich is geweldig. Als het zich maar op zijn plek houdt en afblijft van de kerndingen van het leven. Want de dingen waar het om draait in het leven, stikken in planmatigheid. De Noorse filosoof Jon Elster stelt dat geluk altijd een ‘bijproduct’ is. Gelukkig ben je immers, wanneer je erin slaagt andere doeleinden te bereiken: omdat je een moeilijke opdracht hebt overwonnen, omdat je relatie slaagt, omdat je schoonheid hebt ervaren. Geluk zelf is niet doelgericht te verwerkelijken.
Geluk overkomt je, als bij toeval. Ga met je kinderen naar Artis en leg je toe op een dagjehelemaal-zonder-gezanik. Ga naar het Rijksmuseum en probeer nu eens echt-helemaalte-genieten. Het lukt niet - juist omdat je het per se wil. Zijn we in het Westen zó erg naar geluk gaan streven, dat ons streven zelf ons ongelukkig maakt? Lijken we op die wielrenner die zo hard de finish overschoot, dat hij de beker kapot reed?
Lang leve het lanterfanten. Dichter Gerrit Komrij verzuchtte: ,,Alle ellende in de wereld komt voort uit het feit dat iemand niet gewoon met z’n armen over elkaar kan blijven zitten’’. Een anekdote uit Afrika vertelt hoe de zwarte dragers van een ontdekkingsreiziger na enkele dagen opgejaagde mars weigerden nog verder te gaan, ondanks de belofte van hoge beloningen. Ze verklaarden dat ze zo snel waren gegaan dat ze hun ziel ergens achtergelaten hadden. Nu moesten ze wachten tot hun ziel hen weer had ingehaald.
Door Reinier Sonneveld
 
12-"Wandelen is de grootste probleemoplosser die er bestaat"
DOOR JEANNETTE KRAS 4 FEBRUARI, 2020
 
We moeten veel meer wandelen. Het is goed voor lichaam en geest. Dat betoogt de Ierse neurowetenschapper Shane O'Mara. "Ongeveer een eeuw geleden liep de mens gemiddeld vijftien kilometer per dag, dat is wat ik met mijn stappen ook nastreef," zegt hij in een interview met NRC.
 
Zittend leven
Vroeger moesten we veel lopen om eten te verzamelen of omdat we werk deden waarbij we bewogen. "Nu loopt de mens dagelijks niet meer dan twee kilometer, desastreus weinig. We leiden een zittend leven op kantoren achter beeldschermen. Sterker nog: we hebben onze wereld en onze leefstijl zo ingericht dat er geen noodzaak is voor bewegen. Terwijl wandelen de grootste probleemoplosser is die er bestaat," zegt de hoogleraar experimenteel breinonderzoek aan Trinity College in Dublin.
 
Wandelen als medicijn
O'Mara: "Ik prijs de dag waarop huisartsen het wandelen beschouwen als een medicijn, maar dan zonder bijwerkingen. Op de Shetlandeilanden gebeurt dat al: artsen schrijven strandwandelingen voor als preventieve behandeling voor lichamelijke en geestelijke aandoeningen. Vier keer per week op pad gaan, vijftien kilometer lopen: dat maakt ons zowel fysiek als mentaal gezonder. Vele duizenden weten dat al, en wandelen is populair."
 
Ruige paden
Wandelen in de stad kan net zo goed als in de natuur, mits de stad voetgangervriendelijk is ingericht, aldus de wetenschapper. "Maar voor wie echt wil lopen en zich wil oefenen, raad ik toch aan een meer ruwe ondergrond te kiezen, lekker veel stenen en ruige paden. Dan maak je het moeilijker voor je hersenen waardoor ze harder moeten werken."
 
Een gevoel van geluk
Waarom wandelen zo goed is voor de hersenen? "Als wij in beweging zijn, is ons brein ook in beweging. We zijn cognitief mobiel. Ik noem dat mindwandering: we laten onze geest de vrije loop en juist daardoor zijn we in staat herinneringen, gedachten en gevoelens in een nieuwe context te plaatsen. Onderzoek met MRI-scanners en andere technische apparatuur toont aan dat wandelen onze cognitieve vermogens enorm doet toenemen. We zijn ons bewuster van onze omgeving, waardoor onze sensibiliteit verhoogd wordt. Ook willen we aldoor weten waar we ons bevinden, dat maakt ons alert […] Lopen schenkt ons endorfine, een gevoel van welbevinden en geluk. Dat maakt ons weerbaarder tegen depressies en ouderdom.
 
Use it or lose it
O'Mara vervolgt: "Wij ontdekten dat een van de belangrijkste hersenonderdelen, de hippocampus, feitelijk een spier, sterker en krachtiger wordt naarmate we meer bewegen. Use it or lose it is onze gevleugelde uitspraak. Wanneer je spieren achteruitgaan, gaan ook je hersenen achteruit. Het beeld dat uit onderzoek naar voren komt is dat lopen onze hersenactiviteiten stimuleert. Alles wordt sneller, scherper, alerter: ons gehoor, gezichtsvermogen, reactiesnelheid, geheugen."
 
Griekse filosofen
O'Mara is niet de enige die er zo over denkt. "De Griekse filosofen gaven wandelend les. Romantische dichters als Wordsworth en Goethe maakten dagenlange tochten en schreven daarna feilloos, zonder enige correctie, hun gedichten op. Ik schrijf al wandelend." De hoogleraar besluit: "Lezen scherpt onze geest, evenals wandelen. En wandelen heeft een herstellend en genezend vermogen.
 
Je wordt oud als je niet stopt met bewegen, als je stopt met bewegen word je niet oud."
 
 
 
13-Het belang van lummelen.
Gijs van der Sanden.
We moeten veel meer lummelen, ook op de werkvloer, want het is essentieel voor onze creativiteit en psychische gezondheid. Maar hoe doe je dat, lummelen, vraagt journalist Gijs van der Sanden zich af.
Lummelen, lanterfanten, niksen: het is een kunst.
Eerlijk zeggen: wanneer hebt u voor het laatst gelummeld?
En dan bedoel ik écht gelummeld. Dus niet: languit op de bank naar je telefoon staren, maar een doelloos wandelingetje maken, gedachteloos naar muziek luisteren, een beetje in de verte turen. Je gevoel voor tijd verliezen.
Mijn eerlijke antwoord: ik kan het me niet herinneren. Zelfs op dagen dat ik vrij ben, kan ik het gevoel hebben dat ik haast heb, achternagezeten door de tijd. Etentjes, bioscoopbezoeken, weekendjes weg, soms gaat er zoveel planning aan vooraf - denk aan die ellendige e-mails van datumprikker.nl - dat ik me afvraag of ik er werkelijk door oplaad.
Een dagje bingewatchen? Laatst keek ik op een katerige zaterdag vier afleveringen van de HBO-serie Chernobyl achter elkaar. Een pracht van een serie, maar in plaats van ontspannen voelde ik me vooral murw en lamlendig daarna. En niet alleen vanwege de heftige beelden die voorbijgekomen waren.
Wij doen soms midden op de dag een dutje, gewoon omdat we er zin in hebben'
Lummelen, lanterfanten, niksen: het is een kunst. Time wijdde onlangs een artikel aan ons woord 'niksen'. Het Amerikaanse tijdschrift bombardeerde het begrip, dat staat voor bewust eens even nietsdoen, tot de nieuwe Noord-Europese trend om een gestrest leven tegen te gaan. In Italië noemen ze het il dolce far niente: het zalige nietsdoen. In de film Eat, Pray, Love - vergeef me deze referentie - wordt uitgelegd wat dat precies is.
'Jullie Amerikanen, jullie weten niet hoe jullie je moeten ontspannen', zegt een Italiaan tegen Liz, gespeeld door Julia Roberts, die haar gejaagde bestaan in de Verenigde Staten heeft opgegeven en het eerste deel van haar wereldreis doorbrengt in Rome. 'Jullie werken je een week lang te pletter en spenderen dan een heel weekend in pyjama voor de tv.'
Amerikanen, zegt hij, hebben het idee dat ontspanning iets is wat je moet verdienen. Nee, dan Italianen. 'Wij doen soms midden op de dag een dutje, gewoon omdat we er zin in hebben. Of we stoppen bij een espressobar en nemen de tijd voor een kop koffie.'
Stribbelt de calvinist in u nu tegen? Lummelen staat heus niet alleen maar in dienst van ontspanning.
Creatieve gedachten
In zijn boek In Praise of Waisting Time stelt MIT-hoogleraar menswetenschappen Alan Lightman dat 'lummeltijd' essentieel is voor het krijgen van creatieve gedachten. De grote ontdekkingen van de 20ste eeuw - de relativiteits- theorie, de structuur van DNA - kwamen allemaal tot stand door een hoop gelummel, stelt Lightman.
In zijn boek memoreert hij de landerige dagen uit zijn jeugd, waarop hij uren met zichzelf doorbracht, in de bossen. Hij bouwde hutten, ving kikkervisjes en stelde zich allerlei existentiële vragen. Hij vergat de tijd. Lightman pleit voor een herwaardering van deze 'verloren tijd': tijd die je spendeert zonder duidelijk doel.
Waarom dat zo belangrijk is, beargumenteert hij met alarmerende studies die laten zien dat we steeds minder ruimte hebben voor creatieve gedachten. Zo wijst hij op het veelgeciteerde, beruchte onderzoek 'The Creativity Crisis', van de Amerikaanse hoogleraar Kyung Hee Kim, dat laat zien dat de creativiteit van Amerikaanse jongeren sinds de jaren negentig meetbaar is afgenomen, ongeveer gelijktijdig met de opkomst van internet.
Ontfocussen
Maar niet alleen onze creativiteit staat op het spel. 'Door altijd "aan" te staan, hebben we ongemerkt de tijd opgeofferd die ons brein nodig heeft om te herstellen', zegt gezondheidspsycholoog Ulrika Léons Becksén over de telefoon. Zij is directeur van Skils, een onderdeel van Zorg van de Zaak, een netwerk van bedrijven op het gebied van bedrijfszorg. 'We weten bijna niet meer hoe het voelt om te ontfocussen.'
Dat heeft gevolgen voor onze psychische gezondheid. In een onderzoek dat Zorg van de Zaak vorig jaar deed onder 1017 werkenden tussen de 18 en 66 jaar, bleek dat 63% van de werknemers meerdere keren per maand grote moeite heeft zich te concentreren op het werk. Meer dan de helft stelde meerdere keren per maand lusteloos thuis te komen na een dag werken.
Laat de telefoon thuis
Unpluggen, luidt het devies. Ga elke dag een halfuur wandelen en laat je telefoon thuis, schrijft Lightman in zijn boek. Bedrijven moedigt hij aan een stilteruimte te realiseren: een plek waar werknemers een halfuur kunnen reflecteren, mediteren of een uiltje knappen. Lightman benadrukt: niet als lunchpauze, maar als vast onderdeel van de werkdag.
Turen, dagdromen, je blik even nergens op richten. Dat is het ware lummelen'
Een goede zaak, vindt Léons Becksén. 'Maar als je in zo'n ruimte dan alsnog naar een scherm zit te staren of in je hoofd to-dolijstjes zit af te werken, schiet de stilteruimte zijn doel voorbij.' We moeten stilte op de werkvloer niet zien als een extraatje, zegt ze, maar als een recht. 'We moeten ervan doordrongen raken dat we ons brein op gezette tijden rust moeten geven.'
Net zoals we al heel lang weten dat het belangrijk is om je bureaustoel goed af te stellen, om schouder- en nekklachten te voorkomen, zo moeten we ook het belang gaan inzien van een manier van werken waarmee we goed zorgen voor ons brein, zegt ze.
De verantwoordelijkheid daarvoor ligt bij de werkgever, maar ook bij de werknemer zelf, vindt Léons Becksén. 'Laat die telefoon gewoon eens op je bureau liggen als je naar de wc gaat', zegt ze. En dan? 'Turen, dagdromen, je blik even nergens op richten. Dat is het ware lummelen.'
Bron
https://fd.nl/fd-persoonlijk/1307266/het-belang-van-lummelen'
 
 
 
 
 
14. Niksen, het nieuwe mindfulness.
We proppen onze vrije tijd zo vol dat we geen minuut overhouden om gewoon even te niksen. Is dat erg? Ja, dat is erg. Je gunt je brein geen ruimte en tijd om info te verwerken en te voelen wat je echt nodig hebt. Kortom, je raakt jezelf een beetje kwijt. Hoogtijd om niksen tot kunst te verheffen.
 
1. Gun jezelf lege momenten
Wie gunt zich nog lege momenten? Lidewy Hendriks, psycholoog bij MIND en Korrelatie: "Zelfs als we moeten wachten bij de tandarts of op het perron vullen we die tijd met een game, Facebook of het beantwoorden van mail. Gewoon even kijken naar wat er om je heen gebeurt, is er nauwelijks bij. We zijn ook collectief verslaafd aan activiteit. Elke seconde moet zinvol besteed worden. Van het idee even niks te doen, krijgen mensen het vaak spontaan benauwd."
 
2. Erken de waarde van nikstijd.
Nikstijd is een zeldzaamheid geworden, onderstreept Hendriks. "En daarmee ontzeggen we onszelf iets." Wat dan? "Ons brein is altijd bezig. En ja, dat is erg! Om goede beslissingen te kunnen maken, moet je brein de kans krijgen om prikkels te verwerken die je gedurende de dag opdoet. Dat gebeurt niet alleen tijdens je slaap, maar ook op momenten dat je even niets hebt of moet en gewoon wat aanmoddert. Daardoor kunnen prikkels verwerkt en geordend worden, vervolgens koppelt het brein een gevoel aan die informatie en indrukken. En dat klinkt misschien vaag, maar juist dat gevoel is ontzettend belangrijk bij het maken van keuzes. Als je die tijd neemt, leer je jezelf beter kennen en voel je beter wat je nodig hebt. Vragen zoals 'wat wil ik?' en 'wat voel ik?' kun je dan niet alleen beter beantwoorden, maar ook beter verklaren vanuit het waarom. Daardoor kun je de echte verandering inzetten."
 
3. Laat de tijd voor je werken.
Tijd is, aldus socioloog Maarten Moens, even elastisch als relatief. Het is een verzinsel van onszelf. Een afspraak die we met elkaar maken om goed te kunnen functioneren in deze samenleving. Tijd is verzonnen om het leven makkelijker te maken. Het moet voor je werken, niet tegen je. Daarin zit hem het venijn. Tijd lijkt steeds vaker iets dat zich aan ons opdringt en buiten ons afspeelt, stelt Moens. "Vaak proberen we tijdgebrek op te lossen door efficiënter te werken. Probleem is dat die tijd die je wint automatisch weer vol loopt. De enige manier om echt tijd te besparen, is door keuzes te maken."
Niet meer doen, maar meer laten. Wegstrepen. Dat klinkt kinderlijk eenvoudig maar is moeilijker dan het lijkt. Moens: "Keuzes maken vergt niet zelden moed, omdat je daarmee tegen de stroom inzwemt. Actief zijn wordt in deze samenleving gezien als een groot goed."
 
4. Word een kei in niks(en).
Met regelmaat de tijd nemen voor jezelf en voor de dingen die moeten gebeuren, is soms even onontbeerlijk als ademhalen. "Maar veel mensen zeggen dat ze dat niet kunnen", zegt Hendriks. "'Dat werkt toch niet voor mij', hoor ik dan. Of: 'Moet ik de hele dag niks doen?' Ehhh. Nee. Las gewoon wat meer pauzes in. Houd een weekje een dagboek bij om te kijken waar je nu zo druk mee bent. Plan verschillende rustmomenten in een dag, zodat je je niet zo hoeft te haasten. En ja, soms is het nodig om prioriteiten te stellen en keuzes te maken. Stel jezelf de vraag: 'Wat wil ik? Wat is voor mij belangrijk?' Claim je nikstijd. Zelfs als het je niets oplevert, betaalt het zich uiteindelijk uit."
Niks doen vergt wel wat oefening, stelt Hendriks. "Als je er 'goed' in wordt, kun je beter je eigen weg gaan en het oordeel van anderen naast je neerleggen. Het is ook bijtanken. Je bent beter opgewassen tegen stress en raakt minder gemakkelijk in paniek als je toch eens in tijdnood komt."
 
Door Gebke Verhoeven  aug 2017
 
 
 
15-Lanterfanteren
Ik heb in mijn leven veel gelanterfanterd. Ik ben daar dan ook erg goed in geworden.
 
Als je het woord lanterfanten, of lanterfanteren zoals ze in Vlaanderen zeggen en nog mooier klinkt, 10 keer achter elkaar hardop zegt verliest het alle betekenis. Probeer het maar! Zie je wel?
 
Gefeliciteerd, je hebt zojuist gelanterfanterd.
 
Lanterfanteren is niet alleen één van de mooiste woorden in de Nederlandse taal (vind ik zelf) maar ook een zeer belangrijke bezigheid waarvan de waarde in het algemeen wordt onderschat. Als je je tijd niet nuttig en productief besteedt ben je lui, gemakzuchtig, passief en als persoon niet erg aantrekkelijk. Zelfs als we ons ontspannen zijn we daar heel erg druk mee. Snel even yoga voor de boodschappen, volgende maand een afspraak met een vriend in de kroeg gepland, 3 uur rijden voor een dagje uit en een half uur per week tijd voor dat mooie boek. Geplande ontspanning, hoe leuk het allemaal ook moge zijn, veel rust zal je er niet door krijgen.
 
Naast het druk zijn met spannen en ontspannen zijn er natuurlijk ook momenten dat we lekker niets doen. Op de bank hangen, tv kijken, videospelletje spelen, aan de telefoon hangen, uitslapen. Prima natuurlijk, je kan niet altijd iets aan het doen zijn. Echter, ook dit is geen lanterfanten. Dat is iets anders.
 
Lanterfanten is lekker ongericht bezig zijn. Je geniet van je tuin, knipt is wat bij, haalt wat onkruid weg, slaat een spijker in de schutting vast. Of je kijkt eens oude fotoalbums door, rotzooit wat in je huis, of struint wat door de stad. Je maakt een wandeling zonder doel. Je schrijft eens wat ideeën op papier. Op kantoor loop je een rondje, maak je wat praatjes. Of je zoekt online eens naar dingen die je boeien, kijken wat je tegenkomt.
 
Of je bent met je hobby bezig, zonder er erg bij na te hoeven denken. Vissen, schilderen, lezen, knutselen, noem maar op. Zonder haast, het hoeft nu niet af, en je doet er vooral jezelf een plezier mee. Dat is lanterfanteren. Iedereen zal daar zelf een invulling aan kunnen geven. Heel belangrijk.
 
Lanterfanteren geeft je ideeën, inspiratie en energie. Veel meer dan met het geplande ontspannen, en zeker veel meer dan na het niets doen. Na het lanterfanteren kan je er weer even tegen, en kan je weer productief zijn. Productiever, waarschijnlijk. Dus als je iemand ziet lanterfanteren, weet dan dat hij of zij goed bezig is. Volg het voorbeeld, wees niet bang dat je niet nuttig bent. Dat ben je juist wel. Zeker in deze vreemde tijden, waar je misschien veel voor jezelf op een rijtje moet zien te krijgen, is dit lanterfanteren belangrijk, dus vergeet het niet!
 
Lanterfanter! Het is niet voor niets zo’n mooi woord.
 
Martin Van Elmpt
 
 
 
 
 
16-Tijdverspilling is tijdwinst, lanterfanten loont.
We zijn alsmaar drukker en onrustiger, maar zijn we daardoor ook productiever en creatiever? Integendeel, roept schrijver en natuurkundige Alan Lightman. Zijn radicale voorstel: een half uur per dag helemaal niets doen. De professor natuurkunde aan MIT en veelschrijver vond het hoog tijd voor In Praise of Wasting Time, zeg maar Lofzang op Tijdverspilling. Als natuurkundige bestudeert Lightman tijd. Ook in dit boek, met citeren van tijdonderzoeken zoals A Geography of Time. Hoe meer apparatuur om tijd te besparen, van stofzuigers tot smartphones, des te minder vrije tijd volgens Lightman. 'Tijd werd een dictator', vindt hij, met agenda's en planningen.
Volgens ander onderzoek is 60 procent van ons doordeweeks gemiddeld 13 uur per dag zoet met werk en op weekenddagen nog eens 5 uur: 75 uur per week verbonden met het werk. En dat allemaal, weet Lightman, dankzij de smartphone. Hoezo werk-privébalans?
In een dorpje in Cambodja vraagt Lightman een vrouw die tientallen kilometers naar een markt aflegt: 'Hoe lang duurt zo'n rit?' Het antwoord: 'Geen flauw idee.' Dat is zijn eureka-moment. Waarom proppen wij onze tijd, en die van onze kinderen, mudjevol met verplichtingen zonder gelukkiger te worden? 'Iedereen om me heen voelt een voortdurende urgentie om tijd nuttig te vullen. En om verbonden te blijven.'
 
Om dan te gaan mijmeren over zijn jeugd. De busrit naar en van school, steeds 40 minuten, 'verspilde' de kleine Alan met staren uit het raam. 'Maar nu kunnen we niet meer nietsdoen en geen kwartier meer in een kamer alleen zijn zonder verbinding.'
Apparatuur heeft ons met een 'gedragssyndroom' opgescheept in een wereld die 'luidruchtig, hyperverbonden, versplinterd en drukkend is, in een voortdurend hoge snelheid'. 'The grid', het netwerk van netwerken, heeft ons allen vast geklit en is de diepere oorzaak van veel van de hedendaagse ellende in werk, privé en samenleving.
Het gevolg is 'verlies van tijd om rustig na te denken, of te reflecteren en te spelen, de kwaliteit van de traagheid'. Dat gaat bovenal ten koste van creativiteit. We menen bergen werk te verzetten, maar armoede aan ideeën en reflectie leiden tot een veel lagere productiviteit dan we zouden bereiken met minder opgedrongen.
 
Radicaal voorstel.
Light bestudeerde de grote uitvindingen en citeert Nobelprijswinnaars. Grote creativiteit vereist professionele kennis, maar ook vaak vastlopen en je dan compleet losmaken en andere wegen inslaan. De grootste vondsten ontstonden in 'verloren tijd'. Neem Einstein die een lans brak voor het 'onbewust denken dat nooit stopt'. Doorgaans roepen mensen: yoga… of mindfulness. Mis, integendeel bijna, wees je eens lekker níét bewust van wat je doet. Lightman had de term 'mind emptiness' kunnen gebruiken; geen gedoe, geen plicht, geen afspraak en al helemaal geen coach. Gewoon, even niks.
Dromen, verbeelden en ontdekken moeten weer ruimte krijgen, bepleit Lightman. Dat betekent uitbreken, vrijmaken, planningen negeren, traag durven reageren, nadenken. Maar Lightman beseft dat de weg daarheen niet eenvoudig is en doet een radicaal voorstel: doe een half uur per dag niets. Oftewel: ga eens lekker lanterfanten en concentreer je niet. Uiteraard zonder telefoon in tas of zak en andere verleidingen. Nee, niet de lunchpauze. Dan moet je sowieso je telefoon negeren. Net als tijdens het avondeten met familie thuis.
 
Maar waar vind je stilte?
Lightman wil openbare ruimten creëren die verboden zijn voor apparatuur. De samenleving wordt prettiger, maar ook de economie en ons werk hebben er baat bij: we worden rijker, vooral aan goede ideeën.
 
Natuurkundige Alan Lightman schreef een pleidooi voor meer tijdverspilling. Zijn radicale voorstel: een half uur per dag helemaal niets doen
 
Luieren zonder schuldgevoel.
Is dat zo? Oscar Kneppers begeleidt al jarenlang start-ups met Rockstart, waar hij overigens recent vertrok als directeur. 'Ik kan heel goed luieren, niks doen en me dood vervelen zonder me schuldig te voelen. Je moet echt kunnen genieten van aanklooien.'
Ben je dan ook het meest creatief? 'Dat is moeilijk te bepalen, maar als ik ontspannen ben komen de meeste oplossingen voor de geest. En ook in connectie met anderen, in de luie stand; inderdaad tijdens het lanterfanten.'
Maar de jongere generatie bij start-ups werkt vaak juist keihard en rusteloos. Kneppers: 'Ik kijk altijd met bewondering naar hun werklust en discipline. Kijk maar naar alle boeken over lean, getting things done etc. Je moet zo veel plannen om je doelen te bereiken, alles moet meetbaar zijn. Dus werken ze onvoorstelbaar hard en proberen ze alles te sturen.'
Dat mag soms best twee tandjes minder volgens Kneppers: 'Je kunt beter regelmatig lanterfanten in plaats van altijd maar doorbeuken en die onophoudelijke hoeveelheid berichten in gang houden met alles en iedereen. Ga op maandag een keer om elf uur een wandeling in de stad maken. Juist met een start-up moet je het van eureka-momenten hebben en tijdig bijsturen'. Intermediair
 
 
 
 
17.Waarom niks doen het allergrootste economische taboe is.
 
Koen Haegens 6 januari 2021
Het lijkt haast een wetmatigheid: de werkloosheid stijgt en plotseling duiken overal pleidooien op voor een kortere werkweek. Minder werken mét behoud van salaris. Dat klinkt als een utopie. Iets waar Nederland zich voor het laatst in de jaren tachtig druk om maakte. Toch experimenteert Unilever hier op dit moment mee. De fabrikant van schoonmaakmiddelen, ijsjes en Axe-deodorant laat zijn 81 werknemers in Nieuw-Zeeland een jaar lang een dag minder werken. Is dat een succes, dan bekijkt de multinational in hoeverre alle 155 duizend medewerkers wereldwijd kunnen profiteren van de vierdaagse werkweek.
Ook andere grote bedrijven als Toyota en Microsoft hebben interesse. Het softwarebedrijf zag bij een kleinschalige proef in augustus 2019 de productiviteit met 40 procent toenemen, onder andere door korter te vergaderen. Dat compenseert ruimschoots de 20 procent minder arbeidsuren. Een Britse denktank beweerde onlangs dat op deze manier 50 duizend bedrijven in dat land zonder al te veel pijn kunnen kiezen voor arbeidstijdverkorting.
Vanuit mijn luie stoel naast de kerstboom viel me iets op aan de argumenten voor deze herontdekte trend. Zelden gaat het over de vierdaagse werkweek als een noodzakelijke herverdeling tussen arbeid en kapitaal. Minder werken, zeggen de deskundigen, dat betekent minder stress. Een betere gezondheid. Maar vooral: het zou wonderen doen voor onze stagnerende arbeidsproductiviteit. Die nam in Nederland in tien jaar tijd amper 4 procent toe.
Meer voor elkaar krijgen in minder tijd, wie wil dat niet? Het is het evangelie van wat ik ooit de rustindustrie heb genoemd. Of het nou om zelfhulpgoeroes gaat, vrouwenbladen of verkopers van alle mogelijke slaapsnufjes, de boodschap is steevast hetzelfde: relax! Zodat je daarna extra hard kunt knallen.
Dit prestatiedogma domineert ook andere debatten, zoals dat rond de 'parttime-prinsesjes'. Afgelopen jaar kwamen opnieuw alle mogelijke verklaringen voorbij voor het feit dat Nederlandse vrouwen kampioen deeltijdwerken zijn. Van hardnekkige cultuur tot ongeëmancipeerde mannen. Vrijwel niemand die durft toe te geven dat zij (of hij) gewoon meer vrije tijd wil. Basisinkomen idem dito. Voorstanders zijn er als de kippen bij om te benadrukken dat mensen die gratis geld krijgen écht niet gaan zitten luieren. Stel je voor.
Zelfs slapen wordt aangeprezen als economisch efficiënt. Een Amerikaanse zorgverzekeraar haalde een tijdje geleden het nieuws met een heuse lanterfantbonus. Werknemers die minstens twintig dagen achter elkaar vroeg naar bed gingen, kregen een beloning van 25 dollar per nacht.
Het ene na het andere economische taboe is het afgelopen coronajaar gesneuveld.
 
Economieredacteur Koen Haegens werpt wekelijks een blik op de economische toekomst.
 
 
 
 
18- Vijf voordelen van verveling
 
Onze levens zijn tegenwoordig continu druk en we zijn het niet meer gewend af en toe helemaal niets te doen. Nu de lockdown is verlengd en de mogelijkheden beperkt zijn, kan de verveling toeslaan. Maar wist je dat een beetje lanterfanteren helemaal zo slecht nog niet is?
 
VERVELING MAAKT JE CREATIEVER
Je staat onder de douche en plotseling krijg je een fantastisch idee. Herkenbaar? Voor je brein is het belangrijk af en toe gewoon even te lummelen, zo krijgt je geest de ruimte voor creativiteit. Een activiteit waarbij je hersenen niet veel hoeven te werken zorgt voor nieuwe mogelijkheden.
 
JE VOELT JE RUSTIGER EN GELUKKIGER
Mail, WhatsApp, Facebook en Instagram: met de komst van de smartphone en sociale media staan we altijd "aan". Steeds meer mensen ondervinden hier psychische klachten als depressies, angstgevoelens en burn-outs van. Met name jongeren zijn gevoelig voor de druk die sociale media met zich meebrengen. Het wegleggen van je telefoon haalt de onrust weg, waardoor je kalmer en gelukkiger bent.
 
HET IS GOED VOOR JE PERSOONLIJKE ONTWIKKELING
Een moment van niks doen kan perfect gebruikt worden voor reflectie. Hoe voel je je? Waar hecht je waarde aan in je leven? Wat wil je bereiken op persoonlijk en professioneel gebied? Het nadenken over deze vragen brengt je dichter bij jezelf en waar je staat in het leven.
 
JE KUNT JE BETER CONCENTREREN
Om je concentratievermogen een oppepper te geven, kun je jezelf het beste afzonderen in een prikkelarme omgeving. Zo is een werkpauze in de natuur ideaal, omdat er weinig prikkels zijn om te reageren en je brein weinig anders dan niks kan doen. Bij een lage breinactiviteit kunnen de hersenen overschakelen op dagdromen en zelfreflectie, waardoor het concentratievermogen tijd heeft om te herstellen.
 
JE ZELFVERTROUWEN KRIJGT EEN BOOST
Kies eens voor jezelf, zodat je daarna meer aan een ander kunt geven. We zijn geneigd overal 'ja' op te zeggen, waardoor er weinig tijd overblijft om te ontspannen. Dit zijn juist belangrijke momenten om jezelf op te laden en aan je zelfvertrouwen te werken. Door af en toe voor je uit te staren, een bad te nemen of een boek te lezen laad je jezelf op en kun je je met hernieuwde energie weer op anderen richten.
 
Bron: Gezondheidsnet
 
 
 
19-De megasekte van de hardwerkenden.
 
Arbeidsethos
Waarom is het toch zo moeilijk om te niksen, vraagt een rusteloze Arjen van Veelen zich in zijn hangmat af. „Diep in onze hoofden zit de veronderstelling dat we nog niet goed genoeg zijn als mens, niet af."
 
Afgelopen zomer kocht ik op internet voor 119 euro een oranje-geel-groene Braziliaanse hangmat, inclusief standaard. Er zat zelfs een tafeltje bij voor cocktailglazen. Het gevaarte zette ik neer op mijn werkplek, tegenover mijn bureau, als een dagelijkse aansporing niet te hard te werken. Noem het een antiprestatiemaatschappij-investering.
 
De eerste maanden maakte ik er veel gebruik van. Maar vooral om powernaps op te doen. Onze jonge kinderen waren die zomer nog vaak ’s nachts aan het spoken, overdag was ik dan gesloopt en haalde ik wat slaap in. Toen de jongens eindelijk normaal gingen slapen, raakte de hangmat in onbruik.
 
Het ding keek me soms aan als een ongelezen boek. Dan ging ik er even in liggen lezen. Maar luilakken, lanterfanten, lummelen – het klinkt leuk, tot je het moet doen. Het lukte gewoon niet. Ik lag in de hangmat als een rups in een cocon die wachtte op wat komen zou. Maar er kwam niets. Zeker geen zelfontplooiing, eerder zelfverpapping. En onrust.
 
Buiten rinkelden trams en liepen mensen belangrijk bellend voorbij. En dan ging ik ook maar wat doen. Het voelde als falen, zelfs het nietsen was mislukt. Ik kon niet eens meer als een kind onbekommerd schommelen, benen naar de hemel.
 
Mijn investering hing al gauw roerloos in de standaard, als een vergeten museumobject. Op het cocktailtafeltje geen glazen met parapluutjes, wel een stapel ongelezen boeken met daarop een laagje stof. Bovenop een sociologische klassieker: De protestantse ethiek en de geest van het kapitalisme van Max Weber. Het gaat over waarom mensen zo idioot hard werken. Tenminste, dat denk ik. Ik heb het boek nog steeds niet opengeslagen, geen tijd voor.
 
Ik leek wel een performancekunstenaar die de idiotie van deze tijd verbeeldt: zelfs een pandemie kan ons arbeidsethos niet stuiten
 
Mijn hangmat was als zo’n tafelvoetbaltafel van een hippe startup die moet uitstralen dat werk gewoon een spelletje is terwijl iedereen zich intussen het schompes werkt.
 
Maar een paar weken geleden veranderde er iets. Ik moest naar het ziekenhuis voor een oogoperatie. Niets ernstigs, alles ging heel goed, maar er zaten wel hechtingen in mijn beide oogbollen en de eerste ochtenden werd ik wakker met het gevoel alsof ik drie dagen had gefeest en daarna was gepeppersprayt. Toen ging ik maar in de hangmat liggen. Nu zou het toch wel lukken, dat niets doen?
 
Nou, nee. Want ik zou nog een essay voor de krant schrijven. Normaal ga ik daarvoor op pad en lees ik boeken. Beide kon niet. Maar ik dacht smart te zijn: ik schakelde gewoon over van mijn ogen op mijn oren. Ik downloadde de luisterboekenapp Storytel. Met m’n bloeddoorlopen ogen lag ik te luisteren naar flarden van boeken en podcasts over productief zijn of juist niets doen. Zoals een podcast over het boek Grip. Het geheim van slim werken van Rick Pastoor. En flarden van het recente manifest Fully Automated Luxury Communism van Aaron Bastani, over hoe we in het paradijs kunnen komen als computers ons werk doen. Intussen krabbelde ik driftig in een schriftje.
 
Zelfs revaliderend in een hangmat stopte ik kortom niet met werken. Ik leek wel een performancekunstenaar die de idiotie van deze tijd verbeeldt: dat zelfs een pandemie ons arbeidsethos niet kon stuiten. Sterker, veel mensen gingen er harder van werken. Bijvoorbeeld omdat ze naast hun baan een tweede baan als thuiswerkleraar kregen. Of omdat ze domweg niks anders konden bedenken dan doorwerken, nu alles dicht was. Wat had vrij nemen voor zin? Een van de oogartsen had me verteld dat ze afgelopen jaar ontzettend veel mensen te zien kregen die hun ogen hadden verslechterd door te lang achter schermpjes te zitten. Ook kinderen.
 
Misschien is de diagnose burn-out daarom zo populair: eindelijk echt vrij, zonder schuld of schaamte
 
Juist in die tijd van waanzinnig hard werken, verschenen er minstens drie Nederlandse boeken over het nut van ‘niksen’, leerde ik in mijn hangmat. Het bekendste is van Olga Becking, een werkende moeder die op een dag uitgeput op de bank instort. „Instorten is de sociaal aanvaarde manier van nietsdoen”, zei ze in mijn oor. Ik krabbelde het gauw in mijn schriftje.
 
Want inderdaad. We kunnen kennelijk alleen remmen door te crashen. Misschien is de diagnose burn-out daarom zo populair: eindelijk echt vrij, zonder schuld of schaamte. Gefeliciteerd, winnaar.
 
Toch maakten de boeken me ook verdrietig. Of ze nu gingen over slim je tijd indelen of over het ultieme belang van helemaal niets doen: uiteindelijk leek het me symptoombestrijding. Steeds slimmer dweilen met de kraan open.
 
Het leek sterk op de eeuwige wederkeer der dieetboeken. Steeds nieuwe diëten die hetzelfde net iets anders vertellen, maar die nooit duurzaam kunnen werken zolang suiker en vet spotgoedkoop zijn, zolang we van alle kanten zijn omsingeld door snoep en fastfood, zolang er geen suikertaks bestaat, zolang megabedrijven ons ongehinderd dik mogen maken. Zo jojoën we voort.
 
Op zo’n zelfde manier lukt het nooit echt te stoppen met hard werken, zolang de wereld is ingericht op de markt en op competitie. Er zijn altijd duizend smoesjes. Anderen niet teleurstellen. Nu hard werken zodat je straks vrij kunt nemen. Het is tijdelijk. Carrièredoelen. Dat je je uren moet kunnen verantwoorden. Dat je toch geld moet verdienen. En de ergste smoes: dat het werk leuk is.
 
Dat zal allemaal best. Werk is leuk en geld is nodig. Maar maak jezelf niets wijs, dat is niet de echte reden dat je zelfs in bed nog je werkmail leest en bij het opstaan als eerste naar je werk tast. We bleven werken toen de machines kwamen, we bleven werken toen de computers kwamen, en zelfs als alle excuses zouden wegvallen, zullen we blijven doorwerken, omdat er een stem in ons hoofd zit die zegt dat stilzitten des duivels is.
 
Het is de stem van het kapitalisme, zegt de Indiaas-Canadese dichteres Rupi Kaur:
 
capitalism got inside my head
 
and made me think my only value
 
is how much i produce
 
for people to consume
 
Die regels komen uit haar gedicht Productivity Anxiety en gaan over de vrees dat je niet productief genoeg bent. Nogmaals Kaur:
 
i measure my self-worth
 
by how productive i’ve been
 
but no matter how hard i work
 
i still feel inadequate
 
Simplistische poëzie, vinden sommigen. En inderdaad: je begrijpt het meteen. Zo makkelijk. Maar waarom wantrouwen wat je makkelijk afgaat? Kaur benoemt in dit gedicht, anders dan in veel van die luisterboeken, heel exact de oorzaak: je hebt kapitalisme in je kop.
 
En zo komt het dat mijn Braziliaanse hangmat voelt als een protestants spijkerbed
 
Je zou bijna vergeten dat het niet altijd zo was. Eindeloos hard werken om het werken: het zit niet in onze genen en niet in onze oudste verhalen. De eerste mensen op aarde, Adam en Eva, hadden echt geen productiviteitsangst. Zelfs niet na de zondeval. „In het zweet uws aanschijns zult gij brood eten”, heet het in Genesis. Werk was een straf. Een noodzakelijk kwaad. Heus geen deugd. Die omslag kwam pas later.
 
Waarom zijn we werk in vredesnaam gaan framen als deugd? Laat staan als passie?
 
Daarvoor moet ik vanuit de hangmat een greep doen naar de cocktailtafel. Naar het bestofte boek van Max Weber, De protestantse ethiek en de geest van het kapitalisme. Of weet je wat, ik beluister de samenvatting wel op Storytel.
 
Max Weber (1864-1920) is een beroemde socioloog die te hard werkte en in een burn-out belandde. Gefeliciteerd. Want daarna, in 1904, schreef hij deze klassieker, eigenlijk een heel persoonlijk boek. Hij stelde dat het moderne kapitalisme voortkomt uit de calvinistische moraal. Calvinisten, een subgroep van de protestanten, leerden dat je tot je dood nooit zeker kon weten of je uitverkoren was om in de hemel te komen. Maar je kon wel aan tekenen afleiden of je uitverkoren was. Zoals het teken dat je materieel succes had door heel hard te werken.
 
Kortom, je moest volgens de calvinisten keihard werken en toch wist je nooit helemaal zeker of het goed genoeg was voor het paradijs. Een psychologische mindfuck. Maar precies dat protestantse arbeidsethos was dus de succesfactor van het kapitalisme.
 
Simpel gezegd: no matter how hard I work, I still feel inadequate.
 
Die calvinistisch-kapitalistische geest verspreidde zich over de hele wereld. En zo komt het dat mijn Braziliaanse hangmat voelt als een protestants spijkerbed.
 
Goed. Als dat arbeidsethos dus de grote boosdoener is, hoe komen we ervan af?
 
Ze waren hun tijd misschien te ver vooruit, dacht ik, met hun ideeën over het basisinkomen en automatisering
 
Met die vraag belde ik een vergeten pionier van de strijd tegen de kapitalistische geest, ene Bo Baden. Begin jaren tachtig richtte hij met twee andere werklozen de Nederlandse Bond Tegen Arbeidsethos (NBTA) op. Hun leus: „Ontheilig de Arbeid, Leve de Luie Donder!” En zo heette ook hun clubblad, de Luie Donder.
 
Ik stuitte er al googlend op en raakte gefascineerd. Het was in de tijd dat er in Nederland een miljoen werklozen waren. Wat is eigenlijk het probleem, zeiden Baden en kornuiten: zie het als een basisinkomen. Ze schreven strooibiljetten en verspreidden posters met teksten als: „Nederland heeft een pracht van een werkloosheid.” En: „De bond vindt het de hoogste tijd door heel het land de gedachte te verbreiden dat het nog steeds heersende arbeidsethos – in het zweet uws aanschijns zult u werken en wie niet werkt zal niet eten – wordt afgelegd.”
 
Ze raakten een open zenuw. Zelfs de PvdA was boos. En de bewust werklozen haalden de voorpagina’s van grote kranten. Maar juist vanaf de jaren tachtig gaf het neoliberalisme vol gas. Een neoliberalist is een kapitalist die een paar Red Bulls heeft gedronken. Het werd alleen maar erger met het arbeidsethos. De bond werd al gauw ontbonden. Ze waren hun tijd misschien te ver vooruit, dacht ik, met hun ideeën over het basisinkomen en automatisering, die nu weer worden opgepoetst.
 
Oprichter Bo Baden kwam na zijn kortstondige roem in de ‘spirituele hoek’ terecht. Hij leefde volop en leed ook veel: magische avonturen, manische depressies.
 
Inmiddels bestiert hij een webshop waarin hij zuigtabletten met vitamine B12 verkoopt. Ook promoot hij de boeken van het Zwitserse spirituele wonderkind Christina von Dreien. Hij leeft een beetje volgens de filosofie van Een werkweek van 4 uur, het boek van Timothy Ferriss. In zijn ‘vurruculum vitaal’ omschrijft hij zichzelf als lofdichter, influencer en woordkunstenaar.
 
De ware reden dat ik niet in mijn hangmat hang, is dat ik het domweg saai vind
 
Ik belde de oudstrijder vanuit de hangmat met de vraag of hij misschien wist waarom het niet lukt om in een hangmat te hangen. Echt werk doet hij nog steeds niet, zei hij, eigenlijk nooit gedaan, op wat jaren als leraar na. We spraken lang, en de volgende dag nog eens, over vitaminen, Ramses Shaffy en zonnebloemen. Ik zal niet alles verklappen, behalve twee dingen.
 
Baden vertelde me dat hij als ‘bewust werkloze’ juist geen luilak was. Hij was ontzettend druk, maar met zinvolle, plezierige dingen. Hetzelfde gold voor zijn medewerklozen: de een was een crèche aan het opzetten, weer iemand een drukkerij of atelier. Onbetaald werk, maar met bezieling. Werkvrij, noemden ze zichzelf.
 
Toen viel het eerste kwartje. De ware reden dat ik niet in mijn hangmat hang, is dat ik het domweg saai vind. Het alternatief van de ratrace is niet: niksen. Het alternatief is: zinvolle, plezierige dingen doen. Niet nietsen, maar ietsen. En dat deed ik allang! Ik ga soms midden op de dag kanoën. Of ik ga fotograferen. Ik ben allang goed bezig.
 
En dat laatste was ook precies wat Baden me voorhield toen ik hem vroeg waarom iedereen minder wil werken, maar slechts weinigen het doen. Hij zei dat diep in onze hoofden de veronderstelling zit dat we nog niet goed genoeg zijn als mens, niet af, dat je moet opklimmen op een ladder die nooit eindigt. „Voor je het weet ga je pas gas terugnemen als je 67 bent. En dat terwijl je er nu al bent!”
 
Hij zei eigenlijk, in iets andere woorden, hetzelfde als wat eerder Max Weber en Rupi Kaur in mijn oor fluisterden: je hebt kapitalisme in je kop. Een arbeidsethos dat ervoor zorgt dat je tot je laatste ademteug het gevoel houdt dat je jezelf nog moet verbeteren. Een to do-lijstje dat groeit hoe harder je taakjes afvinkt, hoe slimmer je je week indeelt.
 
Kapitalisme lijkt soms iets rationeels, iets voor mensen die smart zijn en slim leven. Maar het is hooguit slim en logisch voor mensen die profiteren van ons werk. Wij zitten gewoon vast in een sekte. Een megasekte van hardwerkenden die geloven dat ze ooit, in een vage toekomst het paradijs zullen bereiken, als ze nu nog even dat ene mailtje beantwoorden, nu nog even hun telefoon checken, nu nog even…
 
Trap er niet in. Je bent er al. Groot uitprinten en op de muur hangen. Werkt veel beter dan een hangmat.
 
NRC  Arjen van Veelen
 
 
 
 
20-Flierefluiten - Tao in de polder.
 
Niets doen en toch alles gedaan krijgen. Dat is de kern van lanterfanten, een belangrijk onderdeel van flierefluiten. Het klinkt misschien onzinnig maar dat is het niet. Belangrijk is te begrijpen dat het hier niet gaat om niets doen, maar om niets doen. Dat is niet hetzelfde.
 
Lanterfanten heeft een tegenhanger in het Chinese begrip Wu wei, wat ‘het niet hebben van doen’ betekent, of niet-doen. En Wu Wei is dan weer een kern element uit de Tao, of Dao. Ik wil op geen enkele manier proberen mijn flierefluiten te vergelijken met Taoïsme, maar er zijn zeker wel een aantal raakvlakken. Flierefluiten is een praktische en werkbare manier van leven in het overgeorganiseerde, kapitalistische en ietwat neurotische Nederland van de 21e eeuw. Daarom beschrijf ik mijn flierefluiten als Tao in de polder en hieronder leg ik kort uit wat ik daarmee bedoel.
 
Wacht even, ik ga hier natuurlijk al meteen de mist in. Kort uitleggen? Dan moet ik dus heel hard proberen de juiste woorden te vinden die een kernachtige beschrijving geven van het flierefluiten, die jij vlug tot je kan nemen zodat je snel een beslissing kan nemen of je daar wel of niet iets mee gaat doen, voordat je dan hup weer doorgaat met iets anders te doen. Want we zijn druk druk druk met dingen te doen. Dat is het tegenovergestelde van flierefluiten en lanterfanten, en van Tao en Wu Wei.
 
Ik ga het dus niet kort uitleggen, ik ga wat ideeën schetsen, waar je dan zelf jouw invulling aan kan geven. Hoe klinkt dat?
 
Zeer vrij vertaald zegt de Tao dat “De Tao die in woorden kan worden gevat, niet de echte Tao is”. Als onderwerp voor een blog is dat ronduit ontmoedigend, dus daar ga ik hier zelfs geen poging toe wagen. Laat ik dus maar beginnen bij die polder.
 
Ik geniet vaak van de prachtige polders van Noord-Holland. De interactie van water en land, de typische windmolens, boerderijen en dorpjes, de vele vogels en uitgestrekte wolkenluchten zijn prachtig. Erg Taoïstisch is het niet. Het land is tot stand gekomen door harde noeste arbeid, strak georganiseerd bestuur met een Calvinistische mentaliteit waarin niet veel plaats en sympathie was voor gelanterfanter en geflierefluit. Begrijpelijk. Dit heeft in belangrijke wijze bijgedragen tot onze werkhouding en cultuur. We zijn een land van rechte lijnen, van controle en regels, waarbij ons begrip van gezelligheid een sociale structuur behelst die bijna net zo diep gaat als de Tao in het oude China. We zijn een bezig volkje.
 
We zijn inmiddels ook een volk van kenniswerkers, met veel vrije tijd, met een hoge welvaart en met uitdagingen, behoeften en wensen die niet per sé aansluiten bij de traditionele manier van de polder. Lanterfanten en flierefluiten zijn wel degelijk mogelijk geworden, wenselijk en voor veel mensen noodzakelijk. En, ten overvloede, hierbij gaat het dus niet om niets doen, maar niets doen.
 
Tijdens het lanterfanten ben je heel doelgericht volkomen jezelf. Je maakt een wandeling waarbij het niet uitmaakt waar je heen gaat. Je prutst wat thuis of in de tuin. Je houdt jezelf bezig met dingen die jouw brein op ontspannen manier vrijheid geeft. Door zo tijd te nemen, liefst elke dag, om niet te doen zal je merken dat je veel gedaan krijgt. Je krijgt nieuwe ideeën en inspiratie. Ineens weet je hoe je een probleem op wil lossen, wat voor e-mail je moet schrijven, wat voor stukje je wil schrijven, hoe je jouw onderneming vorm wil geven. Je zal merken dat door het lanterfanten je veel productiever bent dan als je eindeloos naar je laptop blijft staren. Die productiviteit is belangrijk want we wonen natuurlijk nog steeds in de polder, dingen moeten worden gedaan. Lanterfanten, Wu Wei voor elke dag.
 
Net zoals Wu Wei een element is van de Tao is lanterfanten een element van flierefluiten. Bij het flierefluiten verruim je je doelen zodat het een richting wordt. Als een stroom die al meanderend de zee bereikt, afhankelijk van het landschap en het weer. We worden als ondernemer geacht met strakke kanalen en waterhuishouding precies te plannen waar en wanneer we aankomen. Met flierefluiten laat je dat los. Je weet niet wat op je weg gaat komen, maar omdat je oprecht vanuit jouw motivatie en talenten je weg zoekt blijf je wel degelijk vooruitgang boeken. Je komt bij die zee, maar waar en wanneer precies is niet belangrijk.
 
Dingen zullen op je afkomen, en je zal mensen ontmoeten die bij jou passen. Je kan op een ontspannen manier contacten en relaties aangaan omdat je niet krampachtig probeert je deadline te halen of een opdracht binnen te krijgen. Jouw oprechtheid en daarmee kwetsbaarheid is aantrekkelijk voor anderen. Dat zal deuren openen waarvan je niet wist dat die er waren. Je begint jouw onderneming met het idee om sokken te breien, en door te flierefluiten blijkt je meer succes te hebben in het punniken van truien. Wat nog veel leuker is ook. En je gaat het ook aandurven die dingen te doen die je altijd had willen doen, maar waarbij de maatschappij je het moeilijk maakte. Je laat je niet meer tegenhouden.
 
Flierefluitend ondernemen werkt, en het wordt me meer en meer duidelijk hoe belangrijk het is dat meer van ons dit in praktijk brengen. Belangrijk voor onze gezondheid, belangrijk om nu eindelijk eens de manier van leven te veranderen waar zoveel problemen uit voortvloeien. De Tao is daar duidelijk in. Door altijd fanatiek dingen te doen verstoren we het evenwicht. We weten allemaal dat waar mensen ingrijpen de natuur in problemen komt. En dat wijzelf dus in de problemen komen. Want, daar is de Tao ook heel duidelijk in, wij vormen één geheel met de natuur. Onze geestelijke en lichamelijke gezondheid, onze toekomst en dat van onze kinderen, de gezondheid van het leven op onze planeet en die toekomst, het zijn allemaal, op een heel directe manier, aspecten van dezelfde weg.
 
Dat dat meer is dan wat zweverige wijsheden, dat dat meer omhelst dan tussen 6 en 7 snel een uurtje mediteren, en dat je dat een praktisch, werkbaar en duurzaam bestaan op kan leveren, ook in ons Nederland, dat laat ik zien als flierefluiter. Daarom: Flierefluiten – Tao in de polder.
 
Als je dit zo leest zal je misschien zeggen:
 
“Leuk hoor Martin, je bent een flierefluiter en dat lijkt wel wat op de Tao, maar wat dan nog?”
 
Precies! Wat dan nog.
 
Martin Van Elmpt.
 
21-Niets doen is helend.
 
Waarom voelen we ons daar dan zo vaak schuldig over?
 
Zou het post-calvinistische gedachtegoed van 'ora et labora' (bid en werk) zo sterk ingesleten zijn in het Nederlandse gedachtegoed dat het zelfs mensen raakt die hier niet geboren zijn? Of kleeft er iets aan de onderstroom dat zo iets als 'overleving door arbeid' in zich draagt met de stille boodschap dat een ieder functioneel dient te zijn om een 'rechtmatige' plek te verwerven in de samenleving zodat een ieder op zijn/haar wijze bijdraagt aan de overleving van de groep of als geheel?
 
In een volatiele samenleving als vandaag zou het niet echt moeten uitmaken wat iemand doet, immers de waarde van ons leven lijkt niet meer dan een dagwaarde te hebben in de ratrace. Of zoals mijn vrouw het wel eens zegt, 'je bent zo goed als je laatste uitspraak' (gebaseerd je juridische slagkracht). En toch lijken we als gemeenschap steeds maar bezig te zijn met ons pensioen en de dood als horizon van ons werk en leven.
 
Maar wat nu als we eens wat vaker zouden meanderen? De rivier van de dag volgen en soms in haar loop even niets doen. Een kwartiertje of langer achterover zitten en niets anders doen dan niets. Waarom kijken anderen je dan zo raar aan of heb je 'unheimische' gevoelens als zelfs niemand naar je kijkt?
 
Thuis op de bank in slaap vallen zal niemand je kwalijk nemen, maar een kwartier of langer voor je uitstaren op kantoor of je werk, om tot rust te komen, zodat je daarna weer gezonder en rustiger aan de slag kunt gaan, is geen gewoongoed in het westen.
 
Zeker in Nederland lijken we altijd iets te moeten doen, zelfs als het niet hoeft. Jaren geleden vroeg ik mij af waarom Aziaten soms in een park of elders, gewoonweg niets zaten te doen; Een wandeling maakten of stil voor zich uit zaten te staren.
 
Naarmate de Aziatische filosofie mij steeds meer eigen wordt en eigenlijk mijn ziel voedt, weet ik nu, dat niets doen wellicht het belangrijkste is wat je op een dag kunt doen, want door niets te doen ervaar je de puls van het leven inplaats steeds door impulsen te worden afgeleid.
 
In het Taoïsme of Daoïsme bestaat de levensles van 'Wu Wei'. Wat zoveel betekent als, doen door niets te doen ofwel, te zijn door niet te handelen. In het #systemisch werk betekent dat je jezelf tot niet handelen laat bewegen zodat wat er is, zichzelf kan laten zien. Wellicht dat je daarna iets kunt toevoegen. En als dat niet zo is, dan is dat ook niet zo. Wellicht was je aanwezigheid voldoende inplaats van je handeling.
 
Al doende niets doen om tot rust en stilte te komen zou denk ik veel hartproblemen voorkomen. Want als je even niets doet om even alleen maar met jezelf te zijn, je eigen lichaam, ademhaling en je geest, verbindt geboorte, leven en de dood zich met jou. Wellicht is dat laatste wel waarom we in de westerse wereld zo hard werken; om de dood voor te zijn? Daardoor vergeten we vaak dat als we willen ervaren dat we leven, we stil moeten staan om te voelen, wie en waar we zijn in de wereld.
School voor Systemisch Bewustzijn (SSB)
 
 
22-In IJsland wordt welzijn en minder werken de norm
 
In Nieuw Zeeland weten ze het al langer, maar ook andere landen ontdekken dat welzijn belangrijker is dan welvaart. Maatregelen die goed zijn voor de economie mogen geen negatief effect hebben op het klimaat of op de werkomstandigheden van mensen. Het leven van mensen gaat namelijk niet alleen om cijfers, maar om een doel, geluk, gezondheid, schone lucht en nog veel meer. En vooral de tijd om van het leven te genieten. Bijvoorbeeld door minder te werken. Iets dat IJsland nu de standaard wordt.
'Tijd is het nieuwe geld', zei iemand laatst in een gesprek. Door die opmerking dacht ik aan het boek 'The 4 hour workweek', dat Timothy Ferriss in 2007 schreef.  Het boek gaat over het ontsnappen aan de '9 tot 5 mentaliteit' om te leven in 'rijkdom'.
En je raad het al, die rijkdom heeft maar deels met geld te maken en veel meer met het realiseren van je dromen.
Er komt niets uit je vingers
Toen ik het boek las, werkte ik lange dagen. In 4 uur kon ik niet eens een artikel schrijven, maar het idee sprak me aan. Het inspireerde me om na te denken over de invulling van mijn werkdag. Soms zat ik namelijk uren achter mijn computer, zonder dat er iets uit mijn vingers kwam. Terwijl het schrijven op andere dagen moeiteloos ging. Na het lezen van het boek vulde ik mijn dagen wel anders in. Ik ging vaker iets anders doen, als het even niet ging, om het later af te maken.
De eerste 6 uur van de dag
Uit onderzoek blijkt ook dat we tijdens een 8-urige werkdag de eerste zes uur het beste presteren. En daarvan zijn we 3 uur echt productief. Om precies te zijn: twee uur en 53 minuten. De rest van de tijd zijn we bezig met andere (niet altijd werkgerelateerde) dingen.
Minder stress
Gaan mensen ook echt korter werken, dan hebben ze ook minder last van stress. Dat merkte ook de Amerikaan Alex Soojung-Kim Pang (52), die het boek 'Rust in uitvoering' kwam. Na zijn burn-out kwam hij erachter dat hij met kortere werkdagen veel productiever was. En hij voelde zich creatiever door slim te rusten, door te wandelen, sporten of mediteren.
Uit onderzoek bleek zelfs dat voor mensen boven de veertig een driedaagse werkweek het beste is. Ze zijn dan het meest effectief en omdat ze minder werken hebben ze ook een positief effect op de duurzaamheid van onze samenleving, omdat ze simpelweg minder CO2 uitstoten, maar ook omdat deze mensen meer tijd hebben om bijvoorbeeld te zorgen voor anderen en natuurlijk minder last van stress hebben.
Een vierdaagse werkweek in IJsland
In IJsland hebben ze tegenwoordig een vierdaagse werkweek en het is een overweldigend succes. De Nationale overheid en de gemeenteraad van de hoofdstad Reykjavik deden tussen 2015 en 2019 onderzoek onder 2.500 IJslanders en het bleek dat de productiviteit van mensen die 40 uur werkten en mensen die 36 uur hetzelfde was. Hierdoor hadden de vakbonden munitie om de cao's opnieuw te onderhandelen, waardoor 86% van de IJslanders recht hebben op een kortere werkweek, waarbij ze evenveel betaald krijgen.
Een verplichte vrije dag
Het Australische bedrijf Versa heeft een andere aanpak. Zij geven hun werknemers een verplichte vrije dag op woensdag. Betaald nog wel. Het begon als een test. De directie wilde kijken wat deze dag deed met de productiviteit van de werknemers. Op woensdag konden ze uitrusten, bijtanken en tijd investeren in hobby's, projecten of hun gezin. Donderdag kwam iedereen weer uitgerust op werk, alsof het weekend was geweest. En het werd een succes. De medewerkers waren tevreden, er was minder verloop en daardoor waren ook klanten tevreden en zo werd het uiteindelijk beleid van dit bedrijf.
 
Asceline Groot | 14 juli 2021 | Body & Mind
 
 
 
 
23-Waarom elke manager zijn personeel een middagdutje moet laten doen.
 
Gedragspsycholoog Chantal van der Leest bekijkt onze gedragingen op de werkvloer: wie of wat bepaalt onze dagelijkse beslissingen? Vandaag: een middagdutje doen.
Waarom wil die stomme telefoon nou geen connectie maken met mijn oordopjes? Al zeker een kwartier was ik aan het rommelen: bluetooth uit, bluetooth aan, maar mijn telefoon bleef dienstweigeren. Totdat ik me bedacht dat hij misschien even opnieuw opgestart moest worden. Hij stond al zo lang aan, zoveel schermpjes open, blijkbaar moest hij even resetten. Ik zuchtte diep, want ik begreep precies hoe mijn telefoon zich voelde. Ik had een paar drukke cursusdagen achter de rug, ik was óók moe en mijn hersenen begonnen ook vast te lopen. Kon je maar gewoon op een knop drukken en je brein even herstarten.  
 
Nou, dat kan dus. Het heet een dutje en kan je helpen productiever te zijn, mits je het goed aanpakt. Neurowetenschapper Sara Mednick doet al jaren onderzoek naar hoe je het meeste uit je middagdutje kan halen. En nee, het is niet kinderlijk of ouwelijk om een dutje te doen, volgens haar sluit het juist uitstekend aan bij ons biologisch ritme.
Saaie organisatie
Sterker nog: vroeger was het heel gebruikelijk om niet alleen 's nachts, maar ook overdag te slapen. Rond het middaguur schreeuwt ons lichaam om slaap. Je lichaamstemperatuur daalt en je kan niet meer zo goed nadenken. Wij lossen dat op met meer koffie, want tja, een dutje doen onder werktijd wordt niet zo gewaardeerd. Een vriend stuurde me een keer een foto door van zijn slapende collega en dat vonden we tekenend voor zijn saaie, logge organisatie.
 
Chantal van der Leest 15-07-21,
 
 
 
24-Hoe lekker lanterfanteren productief kan zijn.
 
 
Ben jij ook zo iemand die altijd bezig is? Terwijl je druk een mail aan het typen bent, bedenk je dat je nog boodschappen moet halen en wat zullen we eigenlijk eten vanavond? Overvolle agenda’s zijn meer regel dan uitzondering. Je bent druk met van alles en vaak ook nog tegelijk. In ieder geval in gedachten heb je al je volgende actie of taak gepland, of razen deze door je hoofd heen. Het gaat maar door en je zwemt zo goed mogelijk mee in de stroming terwijl je probeert je hoofd boven water te houden. Eigenlijk ben je voortdurend actief en voelt het gewoon heel vreemd om niet bezig te zijn. Onnatuurlijk.
 
Wat zou het toch fijn zijn om even te kunnen ontspannen en niks te moeten van jezelf.
 
Maar wanneer je dan eindelijk een moment van ontspanning hebt, kun je er moeilijk van genieten. Je kunt je werk niet loslaten of je voelt je schuldig omdat er nog zoveel te doen is. Je weet eigenlijk diep van binnen wel dat je tijd voor jezelf wilt maken en moet nemen zelfs, maar toch doe je het niet voldoende.
 
Nieuws
Het is niet nieuw dat er balans moet zijn tussen inspanning en ontspanning. Wat misschien wel nieuw is, is dat het helemaal niet veel tijd hoeft te kosten om te ontspannen. Sterker nog, wanneer je voldoende relaxed kun je juist beter presteren, dus levert het je tijd op!
 
Even niets doen = efficiënt
Lanterfanten, niksen, rondlummelen, dagdromen; onthaasten dus. Het staat ons tegen omdat het zo niet productief lijkt. Ergens hebben we er ontzettende behoefte aan, maar dat brein houdt ons tegen. Want we vinden dat we van alles moeten. En wel nu.
 
Maar de hersenen hebben pauze nodig om te rusten en te kunnen herstellen. Net als topsporters ook rust moeten inbouwen in hun trainingsschema, moeten wij doodgewone hardwerkende vrouwen dat ook. Verandering van omgeving en activiteit werkt verfrissend en zorgt ervoor dat je je beter kunt concentreren en dus productiever bent, minder fouten maakt en alert blijft.
Daarnaast ontstaan de meeste creatieve en inspirerende ideeën niet wanneer we onszelf urenlang achter de computer opsluiten, maar juist wanneer we lekker aan het dagdromen zijn. Of een wandeling maken. Of onder de douche staan.
 
Verandering van omgeving en activiteit en even terugschakelen is dus goed voor onze productiviteit.
 
Schuldgevoel
En als het goed is voor je productiviteit, is het natuurlijk totaal overbodig om je er schuldig over te voelen. Zet dat gevoel maar snel overboord.
 
Dus neem tussen het werk door regelmatig een momentje om even te niksen; dagdromen of een kletspraatje te maken met een collega of buurvrouw.
 
Tussen-het-werk-door-opfris-tips
1. Ga een stukje wandelen
2. Doe wat korte rek- en strekoefeningen
3. Maak een praatje met een collega of bel iemand op om even te kletsen
4. Doe een power-nap
5. Staar 5 minuten uit het raam naar de lucht en de wolken
6. Ga 1 minuut op je hoofd staan (mijn favoriet)
 
ESTERIEK DE HEIJ 31 januari 2021
 
25-Liefdevol Lanterfanten.
 
Psycholoog Janneke Gaanderse, auteur van het boek In één dag gelukkig, benadrukt dat mensen het nodig hebben om leuke dingen te doen en te lanterfanten.
"Je krijgt er nieuwe energie van. Zo kun je de uitdagingen in je leven beter aangaan."
Steeds meer mensen denken dat leven een race is
Geen tijd hebben om leuke dingen te doen en te lanterfanten is geen excuus, vindt Gaanderse. "Steeds meer mensen denken dat het leven een grote race is en dat je alleen slaagt wanneer je de top van de ladder bereikt. Daardoor is er veel te weinig tijd voor plezier."
En dat terwijl plezier volgens haar van doorslaggevend belang is bij het behalen van successen. "Heel eenvoudig gezegd: het is makkelijker om je doelstellingen te behalen als je weet dat je daarna iets mag doen wat je heel erg leuk vindt. Dat heeft te maken met het beloningssysteem en een stukje zelfliefde."
 
26-Goede redenen om het rustiger aan te doen.
 
Goede redenen om het rustig aan te doen. Lees deze redenen om loomheid te prijzen en je te gedragen als een gletsjer: ultrasloom maar superkrachtig.
 
 
1. Luilakken leven langer
Sommige feiten zijn niet comfortabel. Een werkbij in de zomer wordt zes weken oud, terwijl winterbijen ongeveer zes maanden blijven leven. Waarschijnlijk komt dat omdat werkbijen in de winter nauwelijks iets hoeven te doen.
 
De bijenkoningin leeft helemaal in Luilekkerland. Ze hoeft alleen maar eieren te leggen, krijgt al haar eten toegestopt en steekt verder geen poot(je) uit. In tegenstelling tot haar onderdanen kan de Queen Bee wel zes jaar blijven leven.
 
Ook de rest van het dierenrijk laat zien dat het niet nodig is om vermoeiende rondjes te rennen om lang te blijven leven. Leeuwen en ijsberen die in een dierentuin liggen te luieren, worden maar liefst twee keer zo oud als hun soortgenoten in de vrije natuur.
 
Of deze dieren ook gelukkiger zijn, kunnen we helaas niet vragen. Maar over de lengte van hun leven is geen twijfel mogelijk: luiheid loont.
 
2. Lanterfanteren geeft ruimte aan nieuwe invallen
Dieren- en mensenrijken hebben veel overeenkomsten. Als mensen op hun werk meer achterover hangen, komen de beste ideeën boven drijven, zo laat onderzoek keer op keer zien.
 
Dagdromen, een beetje lanterfanten en mijmeren bieden ruimte om traag en aandachtig de dingen van alledag te beleven, van het leven te genieten én nieuwe dingen te bedenken.
 
Creativiteit gedijt in een klimaat van slow motion. Al is het ook weer niet het enige; ideeën bloeien nog beter op als je ook ergens nieuwe prikkels opdoet.
 
3. Traagheid is verheven
Even een stapje terug in de tijd. Gezwoeg en geploeter leiden tot akelig gezweet, vonden welgestelde burgers in de negentiende eeuw. Overtuigde levensgenieters weigerden zich te laten gebruiken als domme werkkracht. Traagheid beoefenen, dat was pas een edele tijdsbesteding.
 
Misschien was traagheid een modeverschijnsel dat bij die tijd paste. En in ieder geval bij de bovenklasse, want het grootste deel van de bevolking moest natuurlijk zich wel uit de naad werken.
 
Maar het kan ook zijn dat ze misschien groot gelijk hadden… De tijd zal het leren ??
 
4. Lazy evaluation werkt beter
Lazy evaluation is een techniek in programmeertalen voor computers, waarbij een berekening wordt uitgesteld tot het moment dat een resultaat van de berekening daadwerkelijk nodig is. Deze werkwijze levert verbeterde prestaties op, onder meer omdat overbodige berekeningen vermeden worden.
 
In het dagelijkse leven zouden we ook eens wat vaker aan luie evaluatie moeten doen. Dat scheelt een hoop nutteloos denkwerk. Veel werk blijkt achteraf gezien trouwens behoorlijk overbodig.
 
5. Veel problemen lossen zichzelf op
Nu veel mensen thuis werken, hoor ik van diverse kanten dat er veel efficiënter gewerkt wordt dan voorheen. Maar hoe meer jij mailt, hoe meer mails je terugkrijgt. Menige kantoorwerker raakt thuis overspannen omdat de agenda helemaal volgepland is en er meer werk verzet wordt dan ooit.
 
Praatjes bij de koffie-automaat lijken weliswaar niet zo efficiënt, maar zijn wel degelijk belangrijk om een idee te krijgen. Net als andere niet ingevulde ruimte in de dag.
 
Laatst hoorde ik een manager vertellen dat hij zijn meeste mails direct weggooit. “Als het dringend is, sturen ze het nog wel een keer”, zegt hij.
 
En zo is het. Veel problemen lossen zich vanzelf op. Zelf in actie komen is lang niet altijd nodig. En soms is het zelfs beter om gewoon even af te wachten.
 
6. Verticaal luieren is productief
Reclamebureau Wisbrun Ubachs moest eens razendsnel een nieuwe campagne bedenken voor de inmiddels verdwenen supermarktketen C1000. De leden van het creatieve team bedachten van alles en nog wat. Maar tot hun grote frustratie kregen ze het niet scherp.
 
Twee teamleden gingen een wandelingetje maken om de zinnen te verzetten. Ze kwamen terug met twee woorden: geen fratsen.
 
De andere teamleden waren direct enthousiast. Een ander teamlid bedacht nog een aanvulling. En toen hadden ze het: Geen fratsen, dat scheelt.
 
Deze slogan groeide uit tot verreweg de meest succesvolle reclameslogan van C1000, zo vertelde reclameman Ralph Wisbrun mij ooit. Als de teamleden niet dat ommetje hadden gemaakt, dan was dit hele idee vermoedelijk niet ontstaan.
 
Kuieren is het verticale luieren, zei Toon Hermans. En dat verticale luieren is vaak erg productief. Door de wandelbeweging schakelt je lichaam over op de automatische piloot. Je onderbewustzijn neemt de leiding over, waardoor losse fragmenten, indrukken en gevoelens in je hersenen bij elkaar komen. Zo ontstaan onverwachte inzichten.
 
7. Een diesel gaat langer mee
De motor van een raceauto is na 250 kilometer totaal versleten, maar met een diesel haal je honderdduizenden kilometers. Het spreiden van energie levert meer op dan een leven van sprints. Leven als een diesel is zo gek nog niet.
 
Ik wens je veel lummeltijd toe!
SIGRID VAN IERSEL
 
 
 
 
 
 
 
27-Lanterfanten en loslaten.
Lanterfanten is een vorm van onthaasten die je jezelf aan kunt leren. Lanterfanten is geen oeverloos gezwalk maar juist genieten van het verstrijken van de tijd, een doelbewuste time-out. Deze vorm van onthaasten heb je zo onder de knie en is een waardevolle investering in jezelf.
Zomaar even niets doen is geen tijdverspilling
Altijd haast hebben en tijd tekort komen is aan de orde van de dag. Een race tegen de klok is voor bijna iedereen in onze haastige maatschappij een normaal verschijnsel geworden. Even niets doen... dat kan echt niet, want we hebben zoveel te doen op een dag. Elke dag een volle agenda en aan het eind van de dag doodop zijn en dan nog het gevoel hebben dat je zoveel meer had moeten doen. Na een drukke week van werken, afspraken en verplichtingen moet er vaak in het weekend ook nog aan bepaalde verplichtingen voldaan worden: de boodschappen, leuke dingen met de kinderen doen, familie bezoeken, de tuin, klussen in huis... dus ook in je vrije tijd: Haast!
 
Door er alleen al aan te denken om even niets te doen, worden sommige mensen al nerveus. Dat kan toch zomaar niet! Toch kan het zonder al te veel moeite heel makkelijk. Door alleen al bewuster bepaalde dagelijkse handelingen uit te voeren ben je eigenlijk al bezig met lanterfanten.
 
Voorbeeld: uitgebreid in bad gaan, laat eerst je bad vollopen en ga niet in de tussentijd lopen rennen en spullen klaarzetten. Nee kijk bewust naar de straal water die uit de kraan loopt en wacht tot het bad vol is. Je zult merken dat je vanzelf gaat mijmeren en je gedachte een andere kant opstuurt. Of je staart in de vlammen van de open haard, je aait bewust je huisdier, je schilt een appel en eet stukje voor stukje op of je gaat lekker achterover zitten en luistert naar muziek. Het zijn allemaal mogelijkheden om te onthaasten, zolang je ze maar bewust doet.
 
 
Doorbreek je vaste patroon en trek aan de handrem
Nu lijkt dit misschien makkelijker gezegd dan gedaan, want hoe plan je bewust even niets doen in in je overvolle schema?
Eigenlijk heel makkelijk. Door alleen al over lanterfanten na te denken is alvast een begin en heb je de eerste stap gezet.
 
Een makkelijke manier om met lanterfanten te beginnen is: wandelen. Wandelen is gezond en geeft je energie. Plus dat bewegen in de buitenlucht goed voor je is. Hoe vaker je wandelt, hoe beter je leert luisteren naar je geest. Dus gebruik je lunchtijd op een werkdag door naar buiten te gaan voor een wandeling of ga op een bankje zitten en kijk bewust om je heen. Want kijken naar de natuur is ook een goede manier van lanterfanten. Zolang je dit maar bewust en met al je zintuigen doet. Je zult zien dat je vanzelf ontspant en vaak nog nieuwe ideeën krijgt ook.
 
Ook mediteren is een topper onder het lanterfanten. Even rustig zitten, de ogen dicht en niet nadenken, concentreren op je ademhaling. Wie dit elke dag tien minuten doet, wordt een gezonder, productiever en relaxter mens. Het kost, behalve een beetje tijd, helemaal niets, maar het doet wonderen!
 
 
Het gunstige effect van lanterfanten
Heel de dag door razen en handelen als een robot , als je niet uitkijkt ben je straks opgebrand. Door bewust aandacht te geven aan jezelf en tegen de klok in te gaan, krijg je weer grip op je leven en een betere balans. Het lanterfanten helpt je om een stap terug te doen en zie je alles wat meer van een afstand, zoals bijvoorbeeld je gezin, je werk en de mensen om je heen. Je realiseert je dan beter hoe je het vindt gaan en wat er beter kan gaan.
 
De meeste mensen zullen het lanterfanten of even stil zitten associëren met nietsnutten of luiheid. Maar er is onderzocht dat mensen die het toepassen zich daarna meer ontspannen voelen en alerter en productiever zijn. Een lanterfantje van een kwartier heeft veel meer effect dan ´s morgens langer in bed blijven liggen.
 
 
Hoe te beginnen met lanterfanten
Maak een dagindeling voor jezelf en plan een lanterfantje. Dit lijkt moeilijk, maar ben je er eenmaal mee begonnen, dan kun je niet meer zonder.
Eis niet teveel van jezelf op één dag, probeer tevreden te zijn met goed genoeg.
Creëer meer tijd tussendoor, wacht bijvoorbeeld met het beantwoorden van e-mails. Plan één of twee tijdstippen per dag om je inbox te openen en je e-mails te lezen en eventueel te beantwoorden. Daarna afsluiten en er niet meer aan denken. Je zult zien hoeveel rust dit geeft.
Denk na bij alle dingen die je doet en doe één ding tegelijk.
Probeer tussendoor je gedachten los te laten en concentreer je op je lichaam.
Glimlach een paar keer per dag, het ontspant de spieren en geeft je energie.
 
Je zult na een tijdje oefenen met momentjes voor jezelf, merken dat je bewuster geniet van alles. In het begin zul je het gevoel hebben dat je "stiekem" iets raars aan het doen bent, maar als je het eenmaal eigen gemaakt hebt, kun je niet meer zonder. Je voelt het als een bevrijding. De belangrijkste dingen doe je goed en de rest kan morgen of overmorgen en bij nader inzien hoeft een aantal dingen soms helemaal niet meer. Je voelt je niet meer schuldig als er een aantal taken blijven liggen. Alles hoeft niet zo nuttig en doelgericht te zijn, je zult zien dat je hiermee kunt omgaan.
Dus zeg tegen jezelf:
Morgen heb ik geen tijd, want dan ga ik lanterfanten!!!
 
Bron: www.bureaubevlogen.nl
 
 
28-Waarom altijd luieren ongezond is voor ons.
 
Mensapen als chimpansees en gorilla's hebben voor 97 procent dezelfde genen als wij. Die overige drie procent markeren een groot verschil: zij luieren zonder gezondheidsschade de hele dag terwijl zulke lamlendigheid ons fysiek welzijn ernstig zou aantasten. Wij hebben beweging nodig.
Dit onderscheid is ongeveer 7 miljoen jaar geleden ontstaan. Toen ging de mens rechtop lopen en splitste zich af van de primatensoort waartoe ook de chimpansees, gorilla's, oerang oetans en bonobo's behoorden.
Seks
Daardoor brak hij met de levensstijl van zijn luie 'neven', die acht tot tien uur per dag zoet zijn met rusten, vlooien, eten en seks voor ze weer het gebladerte in duiken voor een nacht van negen à tien uur slaap.
De tweebenige tred van de mens, waardoor hij een groter leefgebied kreeg, veranderde zijn anatomie.
"Met minder inspanningen kon hij grotere afstanden afleggen ", schrijft antropoloog dr. Herman Pontzer in het wetenschapsmedium Eos. "Toen hij begon te jagen, werd hij nog actiever. Hij moest verder lopen om prooidieren te vinden. Onze fysiologie is geëvolueerd in dienst van die fysiek actieve levensstijl. Dat betekent dat we moeten bewegen om gezond te blijven."
Euforie
Ook onze organen en hersenen, tot op celniveau, pasten zich aan. "Onze hersenen zijn geëvolueerd om langdurige fysieke activiteit te belonen", schrijft de geleerde. "Bij joggen of andere lichaamsbewegingen met lage intensiteit maken ze endocannabinoïden aan." Die stoffen zorgen voor de euforie bij hardlopers.
"Chimpansee acht uur per dag zoet met rusten, eten en seks"
Wetenschappers stellen zelfs dat lichaamsbeweging de enorme expansie van het menselijk brein mede mogelijk heeft gemaakt, en dat we zodanig zijn ontwikkeld dat we fysieke activiteit nodig te hebben voor een normale hersenontwikkeling. "Als we bewegen komen er neurotrofines vrij, die de ontwikkeling van het zenuwstelsel en de hersenen bevorderen", aldus de antropoloog. "Beweging sterkt het geheugen en voorkomt cognitief verval."
Stresshormoon
Maar actief zijn, voorkomt ook ziekte en infectie. Dr. Pontzer: "Duurinspanningen houden chronische ontsteking , een risicofactor voor hart- en vaatziekten, tegen. Ze halen bovendien het gehalte van de hormonen testosteron, oestrogeen progesteron en het stresshormoon cortisol omlaag. Daardoor krijgen volwassenen die geregeld bewegen minder vaak kanker aan de voortplantingsorganen."
Beweging gaat ook insulineresistentie, de oorzaak van diabetes, tegen en helpt glucose opslaan als glycogeen in plaats van als vet.
Moeten we dus weer gaan jagen of marathons lopen? "Nee, het gaat niet om de intensiteit maar om de frequentie", aldus de geleerde. "Uit onderzoek onder postbodes bleek dat degenen die 15.000 stappen per dag zetten of de hele dag op de been waren, de gezondste hart- en bloedvaten hadden."
 
MENZO WILLEMS
 
 
29-34 minuten brengen we lanterfantend door in de baas z'n tijd.
 
Valt best mee, toch?
 
Er zijn vast uitzonderingen, maar de meeste werknemers met een kantoorbaan houden er een achturige werkdag op na. Acht uur waarin je tig taken kunt voltooien, maar waarin we af en toe ook een beetje lopen te niksen.
 
Lanterfanten
We zijn allemaal weleens wat minder productief. We beantwoorden allemaal weleens een appje of twee tijdens werk en we bereiden allemaal weleens een wat ingewikkeldere lunch onder de baas haar tijd. Maar hoeveel tijd 'verspillen' we dan precies op het werk? Uit de American Time Use Survey uit 2019 blijkt dat werknemers gemiddeld 34 minuten op een dag niét werken. Valt best mee, toch? Maar toen de wetenschappers dieper in de materie doken, bleek het toch 50 minuten per dag te zijn. Ongeveer de helft van de tijd wordt besteed aan eten en de andere helft aan vrijetijdsactiviteiten.
Uiteraard verspilt niet iedereen dezelfde hoeveelheid van de werkdag. Bewezen is dat hoe meer uren je werkt, hoe meer tijd je loopt te lanterfanten. Maar bij een werkweek van 42 uur of meer stopt het aantal verspilde minuten met groeien. Goed om te weten, is dat er niets aan de hand is als je weleens loopt te niksen. Pauzes nemen is namelijk goed voor je geest en voor je creativiteit. In Japan is een middagdutje zelfs onderdeel van de werkcultuur. Want zo'n slaapje is een gezonde boost voor je hersens (baas, lees je mee?).
Eerdergenoemde onderzoek over het niksen is afkomstig uit 2019. Inmiddels werken we door corona veel thuis en het zou maar zo kunnen dat we nu meer tijd niets doen. Of beter gezegd, dat we nu stiekem Netflixen. Uit een onderzoek van Toluna, in opdracht van Netflix, blijkt dat een vijfde van de Netflix-gebruikers inmiddels heeft toegegeven dat ze zelfs op het werk gebruik maken van de streamingdienst. Oeps.
Brob: Marie Claire
 
 
30-Waarom niksdoen zo belangrijk is.
 
Stel dat deze column het laatste is wat je vandaag leest? Je hebt straks dit stukje uit, dan leg je het magazine of je iPad naast je neer, je rekt je even uit-ge-breid uit en de rest van de dag doe je niks. Maar dan ook echt niks. Hoe zou dat zijn?
 
Voor topsporters doodnormaal
Voor topsporters is niksdoen doodnormaal: dát zijn de uren waarop er eigenlijk het meest gebeurt. Tijdens het trainen breken ze genadeloos al hun spieren af, waarna er in de rusttijd nieuwe spiermassa wordt aangemaakt. Meestal méér massa bovendien dan ze daarvoor hadden. Sporters weten: je spieren groeien niet tijdens het trainen, maar tijdens het rusten.
Mooie metafoor voor het leven van normale niet-topsportende zielen als wij. Want inderdaad: ook bij ons gebeurt er vaak het meest tijdens het lanterfanten. De beste ideeën verzin je onder de douche, of in de hangmat. Kinderen maken de mooiste dingen als ze zich vervelen. En over veel Nobelprijswinnaars gaat het verhaal dat ze hun grootste inzichten kregen terwijl ze onkruid stonden te wieden of het gras aan het maaien waren.
Ondertussen beweegt de maatschappij zich precies de tegenovergestelde richting op. Internet en smartphones zorgen dat elke minuut zich steeds dwingender vult. Jonge kinderen worden van clubje naar clubje rondgereden en leren af zichzelf te vermaken. Wandelaars op de stoep in New York en Singapore blijken de afgelopen twintig jaar bijna dertig procent sneller te zijn gaan lopen. Je hoeft alleen maar het lijntje door te trekken om te zien waar dit uiteindelijk toe leidt: een totaal overspannen samenleving, die zichzelf in alle haast van binnenuit opblaast en ons daar allemaal in meeneemt.
 
Tijd is het meest kostbare bezit dat we hebben
Terwijl tijd misschien wel het meest kostbare bezit is wat we hebben. Want tijd veroorzaakt reflectie en reflectie veroorzaakt verbetering. Tijd veroorzaakt ontspanning en ontspanning veroorzaakt verbinding. Tijd veroorzaakt creativiteit en creativiteit veroorzaakt geluk. We zouden met elkaar onze tijd moeten legen, in plaats van vullen.
Gelukkig kun je, zoals altijd, zelf het goede voorbeeld geven. Maak je agenda leeg. Heb je jonge kinderen? Jaag ze dan niet naar al die clubjes. Richt een stilteruimte in op je werk, of maak tijd voor wandelingen en meditatie. Zet vaker je telefoon en je e-mail uit. Organiseer mediastille weken voor jezelf, zonder Netflix of Facebook. Maak een kampvuur. Ga op vakantie ook werkelijk offline.
Het is de hoogste tijd voor het herwaarderen van het lanterfanten. Niksdoen mag best het nieuwe drukdrukdruk worden, zodat het niet je onmisbaarheid is die je status en zelfrespect geeft, maar juist je overbodigheid. Leg 'm weg, die krant. Ga naar buiten. Het is tijd om niks te doen. Daar hebben we best een beetje haast mee.
 
DAVID DE KOCK & ARJAN VERGEER 15 JAN. 2019
 
 
 
31-Lanterfanten
Lanterfanten; ik las het woord een tijd geleden in een damesblaadje en sinds die tijd laat het woord mij niet meer los. Lanterfanten. Een prachtig ouderwets woord, dat smaakt naar zomerse, lome dagen. Naar ijsjes in de zon. Maar ook naar winterse schemeringen, waarbij het enige licht in de kamer veroorzaakt wordt door de kachel. Een nostalgisch woord dat amper nog gebruikt wordt, waarschijnlijk bij de jongere generaties onbekend is en vrijwel niet meer in de praktijk gebracht wordt. Lanterfanten is totaal anders dan het verveeld rondhangen, of het half bewusteloos voor de buis hangen. Lanterfanten is een luxe vorm van nietsdoen en daar echt van genieten. Heerlijk op je rug in het hoge gras, turen naar de overwaaiende wolken. Losse bladeren opschoppen in een herfstbos. Op je buik op een zandstrand, met de zon op je rug en het geluid van de branding in je oren. Dat is lanterfanten. Maar ook gewoon even lekker op de bank, beetje mijmeren.
 
Ondanks arbeidstijdverkorting, hulp in de huishouding en een enorm arsenaal aan huishoudelijke apparaten die ons leven moeten vergemakkelijken, hebben we steeds minder tijd voor ons zelf. Naast alle verplichtingen die werk, gezin en sociale relaties aan ons stellen moeten we in onze schaarse vrije tijd ook nog werken aan spirituele en persoonlijke ontwikkeling, waardoor we steeds minder toe komen aan ons echte zelf. Eigenlijk is er maar één optie: het lanterfanten moet in ere hersteld worden. Lanterfanten reduceert de dagelijkse stress, wat leidt tot minder ziekteverzuim. Lanterfanten zou daarmee een positief effect hebben op de volksgezondheid. Lanterfantende ouders zijn ontspannen ouders, wat leidt tot minder probleemgedrag bij kinderen. De Ministeries van WVS en Sociale zaken zouden eigenlijk subsidies beschikbaar moeten stellen om het lanterfanten te stimuleren. Wat dan meteen tot een complete lanterfantmarkt zal leiden. In navolging van de fitness en yoga rage, kan er een gehele op lanterfanten gerichte kledinglijn ontwikkeld worden.
 
En wat dacht je van Lanterfanttrainingen, Lanterfantcoaching, om maar niet te spreken van lanterfanten als tool voor teambuilding. Ik ontdek al weer allerlei gaten in de toch behoorlijk gevulde markt. Zouden banken krediet verstrekken aan een Bureau ter bevordering van het Lanterfanten, of zou ik het beter in een stichtingsvorm kunnen gieten om op die manier voor subsidie in aanmerking te komen? Bedrijfsplan schrijven, PR-plannetje opzetten, huisstijl ontwikkelen? Ho ho, nu niet doordraven. Eerst maar eens zorgen dat ik ervaringsdeskundige wordt. Wat zal het worden, mensen kijken op een terrasje of bij een strandpaviljoen genieten van de zonsondergang? Rosétje erbij, hmm, lanterfanten, heerlijk…
 
Jeanne van Asseldonk is coach, procesbegeleider en interim manager. Zij werkt graag met creatieve werkvormen en metaforen. www.jeannevanasseldonk.nl
 
32-Dagdroom eens over wilde plannen en ideeën.
 
'Maaaahaaaam, ik weet niet wat ik moet doen......'
 
Ik hoor het mezelf nog zeggen. Ik was een jaar of 9 en verveelde me rot.
 
'Ik weet wel iets te doen voor je hoor!' riep mijn moeder dan steevast.
 
Dan wist ik niet hoe snel ik me uit de voeten moest maken.
 
In een gezin met 6 kinderen en werkende ouders moest je aan de ene kant veel meehelpen en was het aan de andere kant de kunst om onopgemerkt zien te blijven, om aan de diverse klusjes te ontsnappen.
 
De kinderen van nu lijken zich niet te vervelen. Dat kan bijna ook niet, ze hebben het druk met allerlei clubjes, verenigingen, sport, lessen en zelfs huiswerk.
 
Ik denk dat het bijzonder nuttig is om je te vervelen.
 
Of om te lanterfanten of een beetje rond te hangen, te dagdromen of uit het raam te staren.
 
Je staart niet uit het raam om te zien wat er buiten gebeurt, maar juist om je gewaar te worden wat er binnen in jou gebeurt.
 
Het bewijst niet meteen dat je geconcentreerd bezig bent, maar toch is het goed voor je.
 
Het is een oefening om de inhoud van je eigen gedachten beter te vatten.
 
Het is makkelijk om even stil te staan bij wat je denkt en hoe je je voelt.
 
Die rust kan je dus zelf creëren door naar buiten te staren.
 
In onze maatschappij is dagdromen niet echt aanvaard, de focus ligt op productiviteit.
 
Toch kan dagdromen de basis zijn om je creativiteit naar de oppervlakte te brengen.
 
Ook kan het een goede broodnodige pauze zijn voor je ogen, die uren naar een scherm staren, tijdens het grootste thuiswerkexperiment aller tijden van het afgelopen jaar.
 
Mijn advies van vandaag is dus: probeer eens lekker te lanterfanten, al voelt het nog zo tegennatuurlijk.
 
Dagdroom eens over wilde plannen en ideeën.
 
Om er vervolgens weer met frisse moed tegenaan te gaan.
 
Anne Raaymakers
 
33-Omarm je luiheid en kom weer in balans.
Lanterfanten wordt sterk ondergewaardeerd. Lui zijn is echt ‘not done’. Maar niet bij mij. In m’n lessen en workshops ga ik met je op zoek naar je luiheid, die vaak verstopt zit achter een enorme ‘ik kan niet stilzitten’-attitude. We hebben allemaal geleerd hard te werken en dóór te gaan. Lanterfanten is taboe. Dagdromen is nutteloos. En luiheid is voor de dommen.
Maar.. laat lanterfanten nou een heerlijk tegenwicht geven dat je juist terug in balans brengt! Omarmen dus, die luiheid!
 
Druk zijn is eigenlijk weer uit de mode, toch? Geeft het eigenlijk niet aan dat je niet kunt kiezen? Stel je prioriteiten en doe je ding. Oké, en werk daar hárd aan. Maar laat de rest los. Wat niet kan, dat kan niet.
 
Neem dan lui zijn (en ja, deze blog is een pleidooi voor lui zijn, voor lanterfanten én voor hard werken, don’t get me wrong!): dat is het nieuwe hip! Althans, wat mij betreft. Want lui zijn is niet voor de dommen, maar juist ontzettend slim!
 
Lui zijn is juist ontzettend slim
Doorrennen put je uit, dat is een ding dat zeker is. Daarbij heb je ook niet de tijd om om je heen te kijken, bijvoorbeeld naar andere opties, oplossingen, leuke nieuwe dingen. Laat staan dat je je roer om kunt gooien en van richting kunt veranderen.
 
Met dat doorrennen kom je misschien best ver, en uit eigen ervaring wéét ik: het is zó verleidelijk om er een schepje bovenop te doen (en nog één) om je doel te halen.
 
Toch.. of je nu echt daar komt waar je wezen wilt, dat is nog maar de vraag. Want alleen wie echt tot zichzelf komt, kan luisteren naar het gefluister van binnen en zo steeds weer opnieuw koersen in de richting die écht klopt.
 
Leren van topsporters en katten
Topsporters weten dat ze rust moeten nemen als ze op topniveau willen blijven presteren. De rust geeft de hoognodige hersteltijd, waardoor ze steeds weer kunnen acceleren. Op tijd ‘lummelen’ maakt het lijf energiek, de geest creatief en scherp: ineens is er nieuwe energie en ontstaan er nieuwe wegen, nieuwe oplossingen en misschien ook wel nieuwe – meer passende – doelen.
 
Dus wie denkt dat ie door langer door te gaan en harder te werken resultaten gaat behalen… Misschien wel op korte termijn, maar op lange termijn mis je de boot. Of moet ik zeggen ‘de haven’. Uiteindelijk dobber je rond, zonder brandstoof en midden op zee..
 
Maar met luiheid alleen kom je er ook weer niet natuurlijk. Daarmee dut je lijf en je geest in. Die zijn gemaakt om te bewegen, te spelen en dan weer te rusten. Kijk naar hoe een kat het doet, de mijne is m’n grote inspiratiebron. Zij lééft ‘work hard, play hard en rest hard’. Als de beste. Muizen vangen buiten, lekker dollen en rondrennen en vreselijk lekker kunnen herstellen voor het goede doel. Uren en uren. Wat zo’n kat zeker niet doet is in haar hoofd zitten, daar waar de tijd vliegt. Ze is in haar lijf en ze leeft met wat er is. Een kat is in het nu.
 
Landen in je lijf
Ook jij kunt in het Nu komen door in je lijf te zakken. Door bewust en ontspannen je ademhaling te volgen. Door je voeten te voelen op de grond en je steeds meer te ontspannen. Door onder de douche heel bewust het water over je lichaam te voelen stromen en je helemaal te richten op die ervaring. Door jezelf uitgebreid in te smeren met een heerlijke lichaamsolie.. En ga zo maar door..
 
 
Rosanne
 
 
34-De kracht van lanterfanten.
 
Lanterfanten…dat klinkt niet echt als iets positiefs. toch kunnen we door iets meer te lanterfanten onze gezondheid en het functioneren verbeteren. ik zal maar gelijk met de deur in huis vallen. ik (louis) lanterfant de woensdag als een malle. ik doe wat kleine dingen zoals naar de kapper gaan of nieuwe hardloopschoenen kopen maar echt ‘werken’ of dingen moeten doen, dat doe ik op woensdag niet.
 
ja natuurlijk doe je wel wat klusjes, maar dat is meer omdat je het wilt en niet omdat het moet. door deze woensdag als lanterfantdag te bestempelen krijg je stiekem veel gedaan zonder dat het als een druk voelt. terwijl dat voor vele door de week heen vaak wel zo is. “we moeten al zoveel”, “wanneer moet ik die boodschappen doen”. vaak zijn het kleine dingen die toch even gedaan moeten worden.
 
door op de woensdag de tijd te hebben om te lanterfanten is er op de andere dagen ook minder druk. deze druk (het idee dat je dingen moet) neemt af en daarmee neemt ook het weekend effect af. het weekend effect ontstaat als je te weinig regie over je tijd en energie hebt (te weinig autonomie), maar dat gelukkig wel in het weekend ervaart. hoe groter het contrast, hoe groter het weekend effect is.
 
een klein beetje weekend effect is niet erg. zo is het zondags samen ontbijten natuurlijk super chill en bijzonder t.o.v. de rest van de week. het gaat er hier over een ongezonde mate waarin mensen het weekend effect ervaren.
 
mensen geven aan in het weekend gelukkiger, gezonder en mentaal fitter te zijn. dit komt omdat mensen dan in hun basis psychologische behoeftes voorzien worden. deze basisbehoeftes zijn ook cruciaal voor je intrinsieke motivatie en daarmee ook voor je prestaties.
 
door het inbouwen van een lanterfant dag (bij mij is het de woensdag als natuurlijke break van de week) neemt het weekend effect af en krijg je meer regie over je tijd en je energie. nu verplicht ik niemand om op de woensdag vrij te nemen, sommige hebben een voorkeur voor een andere dag. sommige willen het zo dat ze 1 x per 2 weken een extra lang weekend hebben (de vrijdag & de maandag). het is allemaal up to you.
 
het idee dat je in 5 dagen meer voor elkaar krijgt dan in 4 dagen, dat is onjuist. desondanks blijkt dat een hardnekkige gewoonte te zijn. met de hoeveelheid prikkels die een gemiddeld mens vandaag de dag elke dag binnenkrijgt is het raadzaam om af en toe te lanterfanten. soms zal je verbaast zijn hoeveel dingen je je juist dan voor elkaar krijgt en dat de afwezigheid van druk ervoor zorgt dat het juist lekker ging.
 
Dat is de kracht van lanterfanten.  louis